De wetenschappers bestudeerden de zenuwcellen in de amygdala van muizen. Dit is het hersengebied dat betrokken is bij het opslaan van emotionele
herinneringen.
De muizen kregen het stresshormoon
cortisol toegediend, waardoor de zenuwcellen actief werden en een stressvolle herinnering vastlegden in het geheugen. Wanneer diezelfde zenuwcellen een paar uur later weer in aanraking kwamen met het stresshormoon, werden ze juist minder actief. Hierdoor werd er geen nieuwe stressvolle herinnering vastgelegd.
Neurowetenschapper dr. Henk Karst vermoedt dat dit mechanisme het geheugen beschermt tegen een 'overload' aan stressvolle herinneringen. "Je hebt het stresshormoon juist nodig om de activiteit in de zenuwen te verminderen en te zorgen dat je niet overspoeld raakt met traumatische herinneringen."
Te weinig cortisol
Patiënten met
PTSS maken te weinig cortisol aan in hun hersenen. Mogelijk is het tekort aan dit stresshormoon de oorzaak dat sommige mensen last krijgen van angststoornissen, zoals PTSS.
Mensen met een posttraumatische stress-stoornis kampen met herbelevingen van traumatische herinneringen. Hierdoor hebben ze vaak slaapstoornissen, concentratieproblemen en geheugenproblemen.
Door: Chantal van der Leest
Bronnen:
UMC Utrecht 30-08-2010
Laatst gewijzigd op: 27-01-2012