Karate: je handen en voeten als wapens
Denk je bij karate aan vechtfilms? Of het onder luid geschreeuw door midden slaan van een stel planken? De werkelijkheid is meestal anders. Het draait bij deze vecht- en verdedigingskunst namelijk vooral om zelfbeheersing en respect. Je maakt gebruik van je kracht, snelheid, reflexen en lenigheid. En van je natuurlijke wapens: je handen en voeten.Karate-do is een van de oudste krijgskunsten ter wereld. Het verhaal gaat dat de basis voor de sport rond het jaar 500 werd gelegd door Daruma. Deze Indiase priester trok naar China om les te geven in de Boeddhistische Zen-leer.
Zelfverdediging
Om zijn leerlingen lichamelijk en geestelijk sterker te maken, ontwikkelde hij een serie oefeningen. Dat de nadruk daarbij op zelfverdediging lag, was niet zo raar. Als rondreizende priester moest je namelijk aardig je mannetje staan om je de wilde dieren en struikrovers van het lijf te houden.Daruma's oefeningen waaiden later over naar het Japanse eiland Okinawa, waar ze vermengd werden met elementen uit Japanse krijgskunsten.
Aan het begin van de 20e eeuw legde Gichin Funakoshi daar de grondslag voor het moderne karate. In 1957 vonden in Japan de eerste wedstrijden plaats en werd karate een echte
sport.
Je lichaam en geest in balans
Karate is een 'complete' sport: alle spieren en gewrichten in je lichaam worden getraind op kracht, snelheid en lenigheid. Je leert diverse technieken waarmee je een schop of slag uit kunt delen. Van oorsprong is karate echter een verdedigingskunst. Je leert aanvallen af te weren en je belager te snel af te zijn. Een goede balans en een scherpe hand-oogcoördinatie spelen een belangrijke rol. Behalve een gezond lichaam, een scherpe geest en goede reflexen kun je er ook een aardige dosis zelfvertrouwen door krijgen.
Waar en voor wie?
Om karate te leren kun je het beste naar een karateclub gaan, een zogenoemde 'dojo'. Bedenk daarbij dat er tal van verschillende karatestijlen zijn. Elke dojo heeft zijn eigen specialisme. Op het internet kun je ontdekken waar de clubs bij jou in de buurt zich in specialiseren.
Iedereen met een redelijke conditie kan karate beoefenen. Kinderen kunnen vanaf 8 jaar meedoen. Voor hen is het een sport waar ze veel energie in kwijt kunnen. Als je overweegt om karate te gaan doen, bedenk dan wel dat het een intensieve sport is waar het er soms best hard aan toe kan gaan.
Karatekleding
Bij karate gelden strikte kledingvoorschriften. Je doet het altijd op je blote voeten en in een wit pak, dat 'karate-gi' wordt genoemd. Soms mag je een gi-broek met wit T-shirt dragen. En af en toe is een hoofdbescherming verplicht. Een bit voor je
tanden en een borstprotector kunnen je extra veiligheid bieden.
Een belangrijk kenmerk van je pak is de gekleurde band om het middel. Deze 'obi', die je op een speciale manier moet vastknopen, geeft aan hoe gevorderd je bent. Je begint met een witte band. Door na het nodige oefenen steeds moeilijkere examens af te leggen, kun je een andere kleur band verdienen. Na wit loopt het via geel, oranje, groen, blauw en bruin tot het hoogst haalbare, de zwarte band.
Karate-do is een van de oudste krijgskunsten ter wereld. Het verhaal gaat dat de basis voor de sport rond het jaar 500 werd gelegd door Daruma. Deze Indiase priester trok naar China om les te geven in de Boeddhistische Zen-leer.
Zelfverdediging
Om zijn leerlingen lichamelijk en geestelijk sterker te maken, ontwikkelde hij een serie oefeningen. Dat de nadruk daarbij op zelfverdediging lag, was niet zo raar. Als rondreizende priester moest je namelijk aardig je mannetje staan om je de wilde dieren en struikrovers van het lijf te houden.Daruma's oefeningen waaiden later over naar het Japanse eiland Okinawa, waar ze vermengd werden met elementen uit Japanse krijgskunsten.
Aan het begin van de 20e eeuw legde Gichin Funakoshi daar de grondslag voor het moderne karate. In 1957 vonden in Japan de eerste wedstrijden plaats en werd karate een echte
sport.