Therapie helpt nabestaanden zelfmoord
Een korte therapie kan nabestaanden van mensen die zelfmoord hebben gepleegd, helpen om schuldgevoelens te voorkomen. Dat is de uitkomst van een onderzoek van psychiatrisch verpleegkundige Marieke de Groot van het Universitair Medisch Centrum Gronigen (UMCG). Ongeveer 15 procent van de nabestaanden krijgt te maken met zeer moeilijke rouwreacties. Dit uit zich bijvoorbeeld in gevoelens van nutteloosheid, onthechting, obsessief verlangen naar de overledene, ongeloof en bitterheid in verband met het overlijden. Ook langdurige psychiatrische problemen en suïcidale gedachten kunnen tot de symptomen behoren.
Rouwverwerking
De Groot onderzocht de effectiviteit van een programma op het gebied van rouwverwerking. Doel van het programma is gecompliceerde rouw bij nabestaanden te voorkomen.
In haar onderzoek volgde ze 122 familieleden en partners van 70 mensen die zelfmoord hadden gepleegd. Een groep kreeg normale zorg en de andere groep kreeg begeleiding. De familieleden die de begeleiding hadden gevolgd, vonden in mindere mate dat ze schuld hadden aan de zelfmoord, dan de familieleden die geen zorg kregen.
Ook bleken de families in de behandelde groep minder vaak verschijnselen van gecompliceerde rouw te hebben. De onderzoekster concludeert dat de korte therapie kan helpen om de last, die een zelfmoord met zich meebrengt voor de nabestaanden, enigszins te verminderen.
Ongeveer 15 procent van de nabestaanden krijgt te maken met zeer moeilijke rouwreacties. Dit uit zich bijvoorbeeld in gevoelens van nutteloosheid, onthechting, obsessief verlangen naar de overledene, ongeloof en bitterheid in verband met het overlijden. Ook langdurige psychiatrische problemen en suïcidale gedachten kunnen tot de symptomen behoren.
Rouwverwerking
De Groot onderzocht de effectiviteit van een programma op het gebied van rouwverwerking. Doel van het programma is gecompliceerde rouw bij nabestaanden te voorkomen.
In haar onderzoek volgde ze 122 familieleden en partners van 70 mensen die zelfmoord hadden gepleegd. Een groep kreeg normale zorg en de andere groep kreeg begeleiding. De familieleden die de begeleiding hadden gevolgd, vonden in mindere mate dat ze schuld hadden aan de zelfmoord, dan de familieleden die geen zorg kregen.
Ook bleken de families in de behandelde groep minder vaak verschijnselen van gecompliceerde rouw te hebben. De onderzoekster concludeert dat de korte therapie kan helpen om de last, die een zelfmoord met zich meebrengt voor de nabestaanden, enigszins te verminderen.
Door: Redactie
Bron:
UMCG 25-04-2008
Laatst gewijzigd op: 25-04-2008