maandag, 20 januari 2020

Pieker je hart niet kapot

Persoonlijkheid heeft invloed op hartproblemen

Bent jij een binnenvetter? Dan is de kans groot dat je een Type D persoonlijkheid hebt en dat is niet best voor je hart. Doe de test én lees wat je eraan kunt doen!

Hart- en vaatziekten zijn doodsoorzaak nummer 1 in Nederland. De remedie kunnen we zo’n beetje opdreunen, namelijk: gezond eten en elke dag voldoende bewegen. Er is echter nóg iets wat je kunt doen om de kans op hart- en vaatziekten te verminderen en dat is je persoonlijkheid onder de loep nemen. Want heb je een zogeheten Type D persoonlijkheid, dan hebben je hart en vaten het zwaar te verduren.

De D in Type D persoonlijkheid staat voor distressed, wat te vertalen is als 'verontrust'. Mensen met een deze persoonlijkheid beschikken over twee kenmerken die hen kwetsbaar maken voor hart- en vaatziekten. De eerste is negativiteit: ze voelen zich snel gestrest, boos en onrustig. Ze letten – zowel bij zichzelf als bij anderen – vooral op wat er níet goed is. Het tweede kenmerk is sociale onhandigheid. Dat wil zeggen dat Type D personen zich vaak ongemakkelijk, gespannen en geremd voelen in sociale contacten. Ze houden anderen daardoor (onbewust) op een afstandje.

De risico’s

Het hebben van een Type D persoonlijkheid verhoogt de kans op het ontwikkelen van hart- en vaatziekten aanzienlijk. Heeft in de gemiddelde bevolking ongeveer 20 procent van de mensen een Type D persoonlijkheid, onder mensen met hart- en vaatziekten is dat het dubbele. En ben je eenmaal hartpatiënt, dan ziet de toekomst er een stuk somberder uit als je een Type D persoonlijkheid hebt. Ongeveer 5 procent van de hartpatiënten overlijdt binnen vijf jaar na ziekenhuisopname; onder hartpatiënten met een Type D persoonlijkheid ligt dit percentage rond de 35 procent. De hartpatiënten met een Type D persoonlijkheid die wél blijven leven, voelen zich bovendien veel angstiger en depressiever en hebben een grotere kans om ook nog eens kanker te krijgen.

Het piekermechanisme

Wat doen mensen met een Type D persoonlijkheid dan precies waardoor hun hart en vaten zo te lijden hebben? De combinatie van de negativiteit en sociale onhandigheid zorgt ervoor dat mensen met een Type D persoonlijkheid veel negatieve emoties ervaren waarvoor ze geen goede uitlaatklep hebben. Het zijn echte binnenvetters. Doordat ze niet met anderen praten over hun spanningen, blijven ze gevangen in hun eigen gedachtecirkeltje en zijn ze geneigd te gaan piekeren.

Hoe meer je piekert over bepaalde gebeurtenissen of voorvallen, hoe erger deze lijken en hoe meer stress je ervaart. Door die stress zorgt pie­keren ervoor dat het parasympathisch zenuwstelsel – het deel van het zenuwstelsel dat verantwoordelijk is voor rust en herstel – niet goed meer werkt. Het hart tikt daardoor sneller ­en steeds ongeveer in hetzelfde tempo. Het gevolg: een groter risico op hart- en ­vaatziekten.

Daarnaast hebben Type D personen, door hun overgevoeligheid voor stress, gedurende de hele dag hogere niveaus van het hormoon cortisol in hun lijf. Ook dat is slecht voor hart en vaten.

Relativeren helpt

Een Type D persoonlijkheid kan twee belangrijke dingen doen. Het eerste is: relativeren. Door je stressgevoeligheid heb  de neiging jezelf de put in te praten. Gebeurt er iets vervelends, dan ga je van het slechtste uit en denk je dat het nooit meer goed komt. Maar je kunt je niet alleen ín, maar ook úit de put praten. Voel je je ergens gestrest over? Vraag jezelf dan eens af: overdrijf ik niet? Wat is het ergste dat kan gebeuren?

Natuurlijk hoef je niet elk probleem weg te redeneren. Het gaat erom dat je niet langer van elke mug een olifant maakt en van een onbenulligheid nachtenlang wakker ligt.

Praten helpt ook

Maak van je hart geen moordkuil, is een bekend gezegde en het tweede advies voor Type D personen. Het probleem is nu juist dat mensen met een Type D persoonlijkheid geen praters zijn. Gelukkig kun je praten leren. Niet-praten is namelijk voor een deel aangeleerd. Ergens heb je in je leven geleerd dat je mensen niet kunt vertrouwen. Stel je jezelf kwetsbaar op, dan ben je bang dat ze je zullen laten vallen, afwijzen of uitlachen.

Maar die angst is bijna altijd ongegrond. Relaties en vriendschappen zijn er juist bij gebaat dat er wordt gepraat. Mits de communicatie positief verloopt natuurlijk.

Erger je je ergens aan, dan helpt het niet om verwijten te maken of eisen te stellen. Dan zul je inderdaad krijgen waarvoor je vreest: ­afwijzing. Benoem liever het gedrag dat je dwarszit en het gevoel dat het je geeft. Houd het bij jezelf. Zeg bijvoorbeeld: "Ik vind het jammer dat je mijn verjaardag vergeten bent, daar word ik verdrietig van." Dat lucht niet alleen op, maar zal ook de ander raken en tot positieve actie aanzetten. Het is in ieder geval een stuk gezonder dan zitten mokken.

Zeg 'stop' tegen jezelf

Negatieve gedachten relativeren en je hart luchten, kan betekenen dat je geregeld tegen je natuurlijke neigingen moet ingaan. Ben je weer eens aan het piekeren, zeg dan 'stop' tegen jezelf. Zoek afleiding of relativeer je gepieker.

Lukt het je om tegen je natuurlijke neiging tot piekeren en binnenvetten in te gaan, dan levert dat grote voordelen op. Je hart en vaten blijven langer gezond, je zult je vitaler voelen en je relaties met anderen zullen er wel bij varen. Om dat te bereiken, hoef je geen ander mens te worden. Een eerste stap is jezelf leren kennen.

Doe de test en ontdek of je een Type D bent!

Leesvoer

Bron(nen):