Gezondheidsnet.nl maakt gebruik van cookies: functioneel, om instellingen en voorkeuren te onthouden, voor beter en eenvoudiger navigeren en inloggen; analytisch, om bezoeken bij te houden en te bestuderen; voor commerciële doeleinden, om bij te houden hoe vaak bepaalde advertenties zijn getoond en geklikt; voor targeting doeleinden, om advertenties op uw interesses te kunnen aanpassen en zodat andere sites ook gerichte advertenties kunnen tonen. Door hiernaast op akkoord te klikken, of door gebruik te blijven maken van deze website gaat u hiermee akkoord. Lees voor meer informatie ons Cookiebeleid.

Akkoord
donderdag, 23 februari 2017

Baarmoeder (uterus)

Peervormig 'zwangerschapsorgaan' (= corpus uteri) dat via de baarmoederhals (= cervix uteri) in open verbinding staat met de vagina.

Menstruatie
Tijdens de menstruatie worden -als geen bevruchting en innesteling in de baarmoedwand (= zwangerschap) heeft plaatsgevonden- baarmoederweefsel, baarmoederslijm en bloed afgestoten dat via de baarmoederhals en vagina het lichaam verlaat.
Zwangerschap
De zwangerschap begint met innesteling (= nidatie) van een bevruchte eicel (= ovum) in de wand van de baarmoeder (= placenta). Daarna deelt de bevruchte eicel zich en groeit uit tot een embryo, respectievelijk foetus. Embryo/foetus zijn via de navelstreng verbonden met de bloedsomloop van de aanstaande moeder.
De wand van de baarmoeder bestaat uit gladde spieren die tijdens de zwangerschap sterk wordt opgerekt en voorafgaande aan en tijdens een miskraam (= spontane abortus), abortus provocatus of bevalling (= partus) regelmatig samentrekken (= weeën) om de vrucht uit te drijven.
Bevalling
Tijdens en na de bevalling komt het kind (= neonatus) -na barsten van de vruchtvliezen- uit de baarmoeder via baarmoederhals en vagina ter wereld. Daarna verlaat de placenta (= baarmoederkoek) via de vagina het lichaam van de moeder.

zie ook: baarmoeder-aandoeningen