Wednesday, 20 November 2019

Duizeligheid (positieduizeligheid, BPPD)

Als je last hebt van positieduizeligheid, krijg je een kortdurend draaierig gevoel bij bepaalde (hoofd)bewegingen. Dit wordt veroorzaakt door verplaatsing van kristalletjes in je evenwichtsorgaan en is vervelend, maar in principe onschuldig. De klachten gaan meestal binnen 1 tot 4 weken vanzelf over, maar zijn vaak ook eerder op te lossen met een behandeling.

Wat is duizeligheid?

Duizeligheid uit zich bij de meeste mensen als een licht gevoel in het hoofd en het idee dat de wereld om hen heen draait. Er zijn verschillende vormen van duizeligheid. Hier bespreken we met name positieduizeligheid, oftewel BPPD. BPPD staat voor benigne (goedaardige), paroxysmale (in aanvallen optredende) positieafhankelijke (afhankelijk van je lichaamshouding) duizeligheid. Dit is een vorm van draaiduizeligheid die ontstaat bij redelijk snelle bewegingen die de positie van je hoofd veranderen, zoals je omdraaien in bed, voorover- of achteroverbuigen, omhoog of achterom kijken. Behalve een draaierig gevoel, kun je ook last hebben van misselijkheid en overgeven.

Positieduizeligheid komt in aanvallen, die meestal niet langer dan een minuut duren. De oorzaak ligt bij je evenwichtsorgaan. Hierin kunnen zich kristalletjes vormen die zich verplaatsen naar plekken waar ze niet thuishoren. De verplaatsing van de kristalletjes bij iedere (snelle) hoofdbeweging prikkelt je evenwichtsorgaan en leidt tot een draaierig gevoel.

Positieduizeligheid komt het meeste voor bij mensen boven de 50 jaar oud. BPPD is heel vervelend, maar over het algemeen onschuldig. Vaak gaan de klachten binnen 1 tot 4 weken vanzelf over. Eventueel kan je huisarts of een neuroloog je ook proberen te helpen door een speciale oefening met je te doen. Deze heeft bij ongeveer de helft tot 70 procent van de mensen effect. Anderen kunnen rustig proberen door te gaan met hun dagelijkse bezigheden en afwachten totdat de klachten afnemen.

Oorzaken van duizeligheid

Positieduizeligheid wordt veroorzaakt door een probleem in je evenwichtsorgaan. Dit bestaat uit drie halfcirkelvormige buisjes in je binnenoor, die gevuld zijn met vloeistof. In deze vloeistof kunnen zich kristalletjes vormen, die zich verplaatsen naar plekken waar ze niet horen. Dit kan zonder aanwijsbare oorzaak gebeuren, maar ook het gevolg zijn van schade aan het hoofd, langdurige oorontsteking of lange perioden van bedlegerigheid. Bij iedere snelle hoofdbeweging verplaatsen de kristalletjes en prikkelen zo je evenwichtsorgaan, waarna het draaierige gevoel ontstaat.

Symptomen duizeligheid

Het belangrijkste symptoom van positieduizeligheid is een draaierig gevoel. Dit ontstaat bij bepaalde bewegingen waarbij de positie van je hoofd verandert, zoals omhoog of omlaag kijken, achteromkijken, voorover of achteroverbuigen. Bij langzame bewegingen heb je meestal geen last.

De draaierigheid komt in aanvallen van meestal niet langer dan een minuut. Hierbij kun je ook misselijk zijn en overgeven. Worden je klachten binnen 1 week niet minder of zijn ze na 4 weken nog niet over? Maak dan een afspraak met je huisarts. Heb je naast duizeligheid ook last van de volgende symptomen, of herken je jezelf in de onderstaande omschrijving?

Dan kun je het beste zo snel mogelijk contact opnemen met je huisarts:

  • bij plotselinge moeite met zien, horen, spreken, slikken of bewegen
  • bij hevige hoofd- of nekpijn
  • bij hoofdpijn, misselijkheid of een sloom gevoel na lange tijd in een slecht geventileerde ruimte te hebben doorgebracht
  • als je het gevoel hebt dat je gaat flauwvallen
  • als je diabetes mellitus hebt
  • als je ouder dan 65 jaar bent
  • als je bloedverdunners gebruikt
  • als je een verhoogde kans hebt op hart- en vaatziekten
  • als je al eens hart- of vaatziekten of een beroerte hebt gehad

Hoe wordt de diagnose duizeligheid gesteld?

Meestal kan de huisarts op basis van de beschrijving van je klachten en lichamelijk onderzoek al vaststellen dat het gaat om positieduizeligheid. Eventueel word je doorverwezen naar een neuroloog. Deze kan ook proberen om een aanval op te wekken, om zo meer zekerheid te krijgen.

Risicofactoren/-groepen

Positieduizeligheid komt het meeste voor bij mensen boven de 50 jaar oud. Zij zijn de belangrijkste risicogroep. De oorzaak van positieduizeligheid is de vorming en verplaatsing van kristalletjes in je evenwichtsorgaan.

De oorzaak hiervan is niet altijd aan te wijzen, maar soms wordt het risico hierop vergroot door:

  • hoofdtrauma
  • langdurige oorontsteking
  • lange perioden van bedlegerigheid

Behandeling van duizeligheid

Positieduizeligheid gaat vaak vanzelf over binnen 1 tot 4 weken. In de tussentijd kun je het beste rustig proberen door te gaan met je dagelijkse bezigheden. De verleiding is groot om bepaalde bewegingen te vermijden, maar dat wordt afgeraden door artsen.
Zijn je klachten heel hevig of houden ze lang aan? Dan kan de huisarts of neuroloog je helpen met een speciale behandeling. De meest effectieve is op dit moment de zogenaamde Epley-manoeuvre of beweging. Dit is een specifieke kiep-oefening die je meestal onder begeleiding doet en die enkele minuten duurt. Deze kan je klachten zoals duizeligheid en misselijkheid opwekken, maar moet ervoor zorgen dat de kristalletjes op een minder storende plek terechtkomen. Hierdoor kunnen je klachten verminderen of zelfs helemaal verdwijnen. Soms is het nodig om deze beweging na een week nog eens te herhalen. Deze oefening heeft bij ongeveer de helft tot 70 procent van de mensen met positieduizeligheid effect.

Er zijn ook oefeningen volgens Brandt-Daroff die kunnen helpen, maar de effectiviteit hiervan is minder; ongeveer een kwart van de mensen met BPPD heeft er baat bij. De Epley-beweging en oefeningen volgens Brandt-Daroff kunnen alleen gedaan worden bij mensen die geen ernstige problemen hebben met het bewegen van hun nek. Voor mensen met reumatoïde artritis, ernstige artrose of de ziekte van Bechterew kan dit dus een probleem zijn.

Prognose

Positieduizeligheid kan je leven behoorlijk verstoren, maar gelukkig is het niet ernstig en gaat het vanzelf over. Het kan wel een tijdje duren voordat je weer helemaal de oude bent, maar het is verstandig om in de tussentijd rustig door te gaan met je dagelijkse bezigheden. Bij ernstige of langdurige klachten kan je huisarts of een neuroloog vaak helpen door bepaalde bewegingen met je uit te voeren die de kristalletjes op een betere plaats terecht laten komen. De klachten kunnen eventueel wel in een later stadium terugkeren. Dan kan de methode eventueel herhaald worden. In sommige gevallen is verder onderzoek nodig.