zondag, 27 september 2020

Kans op opsporing erfelijke vorm van darmkanker toegenomen

Een 'tumortest' blijkt effectief bij het bepalen van een grote kans op erfelijke darmkanker ofwel het Lynch syndroom. Patiënten worden twee tot drie keer vaker opgespoord sinds de landelijke introductie in 2016. Dat blijkt uit onderzoek van het Nijmeegse Radboudumc en Maastricht UMC+, onder 19 ziekenhuizen in Zuid- en Oost-Nederland.

Door iedereen met darmkanker onder de 70 jaar te testen, komen meer patiënten erachter of er bij hen sprake is van erfelijke aanleg. Dit betekent dat ook familieledern onderzocht kunnen worden. Zo komen zij in beeld voordat zij eventueel kanker ontwikkelen. Ook kan door deze manier van werken vaker een erfelijke aanleg worden uitgesloten waardoor onnodige controles voorkomen kunnen worden.

Lynch syndroom

Jaarlijks krijgen zo'n 13.000 mensen de diagnose darmkanker. In zo'n 2 procent van de gevallen wordt de ziekte veroorzaakt door het Lynch syndroom, een erfelijke aandoening die een sterk verhoogde kans geeft op het ontstaan van darmkanker.

Doordat meer patiënten met Lynch syndroom worden opgespoord, kunnen ook meer familieleden getest worden op de aanwezigheid van het syndroom voordat zij een vorm van kanker ontwikkelen. Als ze het Lynch syndroom hebben, weten ze dat ze een sterk verhoogd risico lopen. Door regelmatige controles kan darmkanker bij hen eerder worden opgespoord.

Onder de 65 jaar

Uit het onderzoek blijkt daarnaast dat de kans op Lynch syndroom boven de 65 jaar heel klein is. De onderzoekers pleiten er daarom voor de tumortest alleen nog maar standaard uit te voeren bij darmkanker bij patiënten onder de 65 jaar.