zaterdag, 14 december 2019

Hormonen tegen overgangsklachten

Alle voor- en nadelen

Opvliegers, nachtelijke zweetaanvallen en slecht slapen. Menig vrouw in de menopauze heeft er last van. Soms lijkt hormoonsubstitutietherapie de beste oplossing. Maar hoe werkt dat en is het voor iedereen geschikt?

Niet iedereen heeft een probleemloze overgang. Doordat het lichaam minder vrouwelijke hormonen aanmaakt, verandert je menstruatie. Je kunt eerst heviger en vaker ongesteld worden. Later duurt het steeds langer voor je weer ongesteld wordt en uiteindelijk blijft de menstruatie uit.

Overgangsklachten

Tijdens deze periode kun je flink last krijgen van klachten. Bijvoorbeeld opvliegers. Dit zijn korte, hevige warmteaanvallen, waarbij je rood kunt aanlopen in je gezicht, hals en borst.

's Nachts kun je gaan zweten. En het slijmvlies in de vagina wordt dunner en droger, wat problemen kan opleveren bij het vrijen. Bij sommige vrouwen zijn deze klachten zo heftig, dat ze overdag niet goed functioneren en 's nachts niet goed kunnen slapen. In dat geval kunnen hormonen  een uitkomst bieden.

Hormoontherapie

Hormoontherapie heeft veel overeenkomsten met de anticonceptiepil. De hormoonpillen bevatten de vrouwelijke hormonen oestrogeen en progesteron. Het oestrogeen vermindert de klachten, het progesteron zorgt dat het baarmoederslijmvlies niet aangroeit.

De pillen zijn verpakt in strips voor 28 dagen. Zonder stopweek ga je door met de volgende strip. Soms komt de therapie ook in de vorm van pleisters.

De kuur werkt het beste naar het einde van de overgang toe, tussen de zogenaamde menopauze en post-menopauze. De hormoonhuishouding is dan alweer enigszins stabiel en dat zorgt voor constante positieve resultaten. Je opvliegers en zweetaanvallen verminderen en het humeur kan verbeteren.

Risico's

Helaas wordt er steeds meer bekend over de risico's en bijwerkingen van hormoontabletten met oestrogeen en progesteron tegen overgangsklachten.

  • Je kunt last krijgen van bijwerkingen, zoals doorbraakbloedingen, vochtophoping, gevoelige borsten, hoofdpijn en misselijkheid.
  • De kans op borstkanker neemt toe. Hoe langer je de medicijnen gebruikt, hoe groter het risico. Per jaar krijgt ongeveer 2 tot 3 op de 1000 vrouwen van rond de vijftig jaar borstkanker. Door hormoontherapie stijgt de kans geleidelijk (in vijf jaar) naar ongeveer 5 op de 1000 per jaar. Wanneer je met de therapie stopt, verkleint het risico zich langzaam weer. Wanneer je vijf jaar gestopt bent, is het risico even groot als wanneer je geen medicijnen had gebruikt.
  • Je loopt meer risico op een hartinfarct of beroerte. Jaarlijks krijgt ongeveer 1 tot 2 op de 1000 vrouwen een hartinfarct of beroerte. Door het gebruik van overgangsmedicijnen stijgt de kans in het eerste jaar tot ongeveer 3 tot 4 op de 1000 vrouwen. In de jaren daarna is het risico slechts licht verhoogd (2 tot 3 op de 1000 vrouwen per jaar). Als je rookt, een hoge bloedruk hebt of een verhoogd cholesterolgehalte in je bloed, dan kan het risico veel hoger zijn.
  • Het risico op trombose neemt toe. Trombose ontstaat door een bloedstolsel in een bloedvat en kan leiden tot een trombosebeen of longembolie. Gelukkig blijft het risico klein. Door het gebruik van hormoontabletten stijgt dit van 1 op de 10.000 vrouwen naar ongeveer 3 op de 10.000 vrouwen per jaar.

Er is slechts één echt voordeel. Na minstens 5 jaar hormoontherapie heb je minder kans op darmkanker, botbreuken en osteoporose. Maar dat is een schrale troost tegenover de verhoogde kans op borstkanker en hart- en vaatziekten.

Alleen oestrogeen

Er zijn ook middelen waar alleen oestrogeen in zit. Dit is alleen geschikt voor vrouwen die geen baarmoeder meer hebben, omdat oestrogeen zonder progesteron de kans op baarmoederslijmvlieskanker verhoogt.

Bij deze middelen is de kans op borstkanker iets minder vergroot, maar het risico op hart- en vaatziekten en trombose blijft even hoog als bij middelen met beide hormonen.

Kortdurend

Kortom, het is beter om hormoontherapie alléén te gebruiken wanneer je voortdurend last hebt van opvliegers en zweetaanvallen. Neem ze dan een korte periode.

Maak een afspraak met je arts om na een maand te kijken of het goed bij je past. Als het bevalt, kun je nog een paar maanden doorgaan, maar doorgaans is het beter om na een half jaar met hormoontherapie te stoppen. Helaas kunnen de klachten hierdoor wel terugkomen.

Andere middelen

Andere klachten zoals vermoeidheid, neerslachtigheid, spierpijn en pijnlijke gewrichten hebben vaak een andere oorzaak, ook al komen ze tijdens de overgang voor. Daar is vaak een andere oplossing voor dan hormoontherapie. Bijvoorbeeld medicijnen zonder hormonen of natuurlijke middelen.

Als je bijvoorbeeld alleen hinder ondervindt van vaginale droogheid, dan kun je andere middelen gebruiken. Bijvoorbeeld zetpillen of crèmes met oestrogeen, die je in de vagina kunt aanbrengen.

Bron(nen):