woensdag, 12 augustus 2020

Van deze Scandinavische begrippen kun je wat leren

Lagom, hygge en friluftsliv

In Nederland hebben we het woord ‘gezellig,’ en in Zweden hebben ze het over ‘lagom,’ ook zo’n woord dat je nauwelijks kunt uitleggen in een andere taal. Voor hen is ‘lagom’ een niet uitgesproken regel, een regel waar wij Nederlanders misschien nog wel wat van kunnen leren.

Momenteel woon ik in Göteborg, een stad in het zuidwesten van Zweden. Ik ben hier naartoe gegaan met het idee van een groene omgeving, frisse lucht en relaxte, maar individuele mensen. Na een aantal weken ben ik erachter gekomen dat mijn beeld over dit land klopt. De Zweden, of eigenlijk alle Scandinaviërs, zijn inderdaad relaxed en op zichzelf, maar wat ook opvalt is dat ze (bijna allemaal) heel gezond zijn. Zij zijn zich namelijk ook bewust van die frisse lucht en de natuur. De volgende drie begrippen hebben daar wat mee te maken.

Lagom

‘Lagom’ (spreek uit als law-gom) is het geheim van de Zweden. Het is waarom de Zweden zo gelukkig zijn. ‘Lagom’ wordt ook wel omschreven als: niet te veel, niet te weinig, maar precies genoeg. Dit kan van alles zijn. Het eten op je bord kan ‘lagom’ zijn, maar een opgemaakt bed ook. Het gaat erom dat je je er goed bij voelt, maar dat een ander dit ook doet. Volgens de Zweden hoef je niet altijd beter te zijn dan een ander. Je moet niet denken dat je speciaal bent, vinden zij. Het lijken harde woorden, maar het is ontzettend ‘lagom.’ Er wordt namelijk ook ruimte over gehouden voor een ander om te stralen.

Hygge

Waar de Zweden ‘lagom’ kennen, gebruiken de Denen ‘hygge’ (spreek uit als hue-ge). ‘Hygge’ staat enigszins gelijk aan gezelligheid, maar het is niet helemaal de juiste vertaling. ‘Hygge’ is voor de Denen namelijk onderdeel van hun cultuur, van hun identiteit zelfs. Het gaat om het creëren van een prettige omgeving. Kaarslicht, lekker eten en drinken, maar ook buitenlucht en de mensen om je heen zijn ‘hygge.’ Je zorgt voor een ander, maar ook voor jezelf.

Friluftsliv

Ook de Noren hebben een begrip waar ze naar leven, namelijk ‘friluftsliv.’ Een wat moeilijker uit te spreken woord (free-loefts-liv), maar het gaat uiteindelijk om de betekenis. ‘Friluftsliv’ betekent ook wel leven in de vrije natuur, maar vooral het respecteren daarvan. Het is een leefwijze die je volgens de Noren vooral moet ervaren. Dit kun je doen door simpelweg de natuur in te gaan en bijvoorbeeld een wandeling te maken, te mediteren en afhankelijk van het seizoen bijvoorbeeld bessen te plukken. Bij friluftsliv’ is het belangrijk dat je echt weg bent van dat wat niet met de natuur te maken heeft. Je kiest ervoor om van de buitenlucht te genieten, in plaats van de televisie aan te zetten. Hun buren uit Zweden zeggen ook wel: “Er bestaat geen slecht weer, er bestaat alleen slechte kleding.” Daar kunnen wij zeurende Nederlanders nog een hoop van leren!

Elk land heeft dus zo zijn eigen begrip, maar inmiddels worden ze door heel Scandinavië gebruikt. Ook de Noren leven ‘lagom' en ook de Zweden zijn gek op ‘friluftsliv.’ Ik moet zeggen dat deze leefwijzen me wel bevallen. Wanneer ik de kans krijg om van het daglicht te genieten, ga ik naar buiten. Weer of geen weer. Daarbij voel ik minder druk om te blijven presteren. Ik laat wat ruimte over voor een ander. En waar ik ‘hygge’ kan creëren, doe ik dat. Een kaarsje aan, een kopje koffie en goed gesprek: dit is hét Scandinavische recept voor een gezond en prettig leven.