zondag, 22 september 2019

Overgeven (braken)

Overgeven staat bekend onder veel namen, zoals braken, spugen en kotsen. Je maaginhoud komt in golven naar buiten via de slokdarm en je mond. Overgeven heeft veel verschillende oorzaken. Wat kun je het beste doen als je moet overgeven en wanneer kun je het beste naar een arts gaan?

Wat is overgeven?

Normaal gesproken slik je je voeding door en gaat dit via de slokdarm naar je maag. Bij overgeven komt alles uit je maag weer naar boven en via je mond naar buiten. Meestal ben je misselijk voordat je moet overgeven.

Overgeven is een manier voor je lichaam om schadelijke stoffen uit je voeding zo snel mogelijk te verwijderen, voordat ze opgenomen worden in je lichaam en schade veroorzaken.

Oorzaken

Overgeven kan komen door verschillende oorzaken:

  • buikgriep (gastro-enteritis) door een virus of bacterie
  • te veel alcohol
  • migraine
  • hersenschudding
  • evenwichtsstoornissen, zoals wagen- of reisziekte
  • zonnesteek
  • stress
  • zwangerschap

De oorzaak van overgeven is niet altijd duidelijk. Wanneer er geen duidelijke oorzaak gevonden wordt, spreken artsen van functionele maagklachten.

Symptomen

Meestal kan overgeven geen kwaad. Als je misselijk bent, kan het zelfs opluchten. Wanneer je maag leeg is, komen je maag en darmen vaak weer tot rust.

Wanneer je veel moet overgeven, verlies je veel vocht en kun je uitgedroogd raken. Je krijgt dorst en een droge mond en plast minder. Bij ernstige uitdroging kun je suf worden en flauwvallen.

De symptomen zijn vaak afhankelijk van de oorzaak:

  • Bij buikgriep moet je overgeven en heb je diarree. Je bent misselijk en kunt buikpijn, hoofdpijn en koorts hebben. Meestal gaat buikgriep binnen enkele dagen vanzelf over.
  • Bij migraine heb je aanvallen van heftige hoofdpijn, waarbij je overgevoelig kunt zijn voor licht en geluid.
  • Bij een hersenschudding is er een duidelijke aanleiding voor je symptomen, zoals een val of een klap op je hoofd. Je kunt hoofdpijn hebben, suf of verward zijn, wazig zien en overgevoelig zijn voor licht en geluid.
  • Reisziekte ontstaat vaak in de auto of op een boot. Je wordt misselijk, ziet bleek, gaat zweten en diep ademen of zuchten. Je voelt je duizelig, slap en lusteloos.
  • Een zonnesteek ontstaat wanneer je oververhit bent en je lichaam de warmte niet kwijt kan. Je huid gloeit, je zweet en bent heel moe. Je voelt je slap en suf, en kunt hoofdpijn, spierpijn of buikpijn hebben.
  • Symptomen van functionele maagklachten zijn onder andere misselijkheid, overgeven, een opgeblazen gevoel in je buik, brandend maagzuur en oprispingen, waarbij het maagzuur terugstroomt naar je slokdarm en keel (gastro-oesofagale reflux).

Neem bij overgeven contact op met je huisarts in de volgende situaties:

  • Je klachten worden niet minder na een dag.
  • Je houdt geen vocht binnen.
  • Je hebt symptomen van uitdroging, zoals sufheid, verwardheid, flauwvallen en niet meer plassen.
  • Je moet overgeven binnen vier uur nadat je medicijnen hebt ingenomen.
  • Je hebt diabetes, nierproblemen of hartfalen.
  • Je hebt hevige buikpijn.
  • Je moet overgeven na een val of ongeluk.
  • Er zit bloed bij het braaksel.
  • Je kind is jonger dan twee jaar en wil niet drinken en/of heeft al een halve dag niet geplast.
  • Je kind is jonger dan twee jaar en heeft ook koorts en diarree.

Hoe wordt de diagnose gesteld?

Je huisarts vraagt hoe vaak je over moet geven en of er factoren zijn die het overgeven uitlokken. Ook controleert hij of zij of je uitgedroogd bent. Of uitgebreid lichamelijk onderzoek en aanvullend onderzoek nodig zijn, hangt af van de vermoedelijke oorzaak van het overgeven.

Wanneer de huisarts vermoedt dat het overgeven komt door migraine of een hersenschudding, kan hij of zij je eventueel naar een neuroloog verwijzen. Heb je vaak last van overgeven en andere buikklachten, dan kan je huisarts je verwijzen naar een maag-, darm- en leverarts (MDL-arts) of internist voor verder onderzoek en behandeling.

Risicofactoren

Buikgriep (gastro-enteritis) wordt veroorzaakt door een virus (bijvoorbeeld het norovirus) of bacterie en is besmettelijk. Je loopt dit makkelijker op in een omgeving met veel mensen, wanneer zij ook buikgriep hebben en de ziekteverwekker verspreiden door niezen, hoesten en via hun handen. Jonge kinderen worden vaak besmet op het kinderdagverblijf of op school; zij kunnen op hun beurt hun ouders weer besmetten.

Je kunt ook ziek worden en moeten overgeven van besmet water of voedsel. Zorg ervoor dat je geen bedorven voedsel eet door op de houdbaarheidsdatum te letten, en je vlees en vis goed door te koken of bakken. Ook te veel alcohol drinken kan misselijkheid en overgeven veroorzaken.

Reisziekte komt vooral voor bij jonge kinderen.

Behandeling

Heb je één of twee keer overgeven? Wacht dan rustig af en wacht met eten en drinken tot je maag weer tot rust is gekomen.

Wanneer je veel moet overgeven, kun je makkelijk vocht verliezen en zo uitdrogen. Het risico op uitdroging is nog hoger wanneer je ook diarree en/of koorts hebt. Ook jonge kinderen en oudere mensen drogen makkelijker uit. Probeer daarom zo veel mogelijk te drinken. Vaak helpt het om vaker kleine beetjes te drinken. Als je erg misselijk bent, zijn warme dranken vaak makkelijker binnen te houden dan koude dranken. Om zoutverlies te compenseren kun je bij je apotheek of drogist een speciale mix halen, oral rehydration salts (ORS), oftewel orale rehydratiezouten.

Wanneer je veel moet overgeven, heb je meestal geen zin in eten en drinken. Het is niet erg om een tijdje niet te eten, zolang je maar voldoende drinkt. Krijg je weer trek, dan kun je eten waar je zelf zin in hebt.

Moet je overgeven binnen vier uur nadat je medicijnen hebt ingenomen? Dan kan het zijn dat je de medicijnen onvoldoende hebt opgenomen in je lichaam. Overleg met je huisarts wat je het beste kunt doen.

Prognose

De prognose van overgeven hangt af van de oorzaak. Wanneer het overgeven veroorzaakt wordt door een infectie met een virus of bacterie, gaan de klachten binnen enkele uren tot dagen vanzelf over. Functionele maagklachten blijven vaak langer bestaan. Misselijkheid tijdens de zwangerschap wordt meestal minder na het eerste trimester (13 weken), maar kan ook langer aanhouden.