dinsdag, 30 november 2021

‘Een hartziekte komt zelden alleen’

Brein en hart hangen meer samen dan gedacht

Je was een goede hobbykok, maar de laatste tijd lukt het niet meer om een driegangenmaaltijd te bereiden; alles loopt in de soep. Het kan komen door je hartprobleem. Brein en hart hangen namelijk meer samen dan we dachten.

Maar liefst 25 procent van de mensen met hartfalen, verminderde pompkracht of een vernauwing in de halsslagader heeft moeite met bepaalde hersentaken. Dat is dus één op de vier! Nu zijn we op zoek naar verklaringen.” Aan het woord is neuroloog Geert Jan Biessels, werkzaam in het UMC Utrecht. Samen met professor Mat Daemen, die als patholoog en onderzoeker verbonden is aan het Amsterdam UMC, leidt hij het onderzoek dat de relatie probeert bloot te leggen tussen het hart en het brein.

Biessels kan genoeg voorbeelden noemen van gevolgen van hart- en vaatziekten voor de hersenen. “We zien problemen in allerlei soorten en maten. Veel in ons leven doen we op de automatische piloot. Dat is voor deze groep mensen niet meer vanzelfsprekend. Een complexe maaltijd koken bijvoorbeeld, wordt plots lastig. Men is sneller afgeleid en moet soms iets langer schakelen. Bij grote druk kan men zomaar dichtslaan.”

Ook aan de manier van lopen is soms te merken dat er iets in de hersenen veranderd is. Biessels: “Deze mensen denken vaak langzamer en lopen daarom ook langzamer, komen niet op gang of vertragen. Ook scoren ze een stuk slechter op ­bijvoorbeeld ­geheugentesten. Maar al die beelden zijn niet bij iedereen hetzelfde of even ernstig. Het is dus niet altijd zo dat iemand al deze problemen ontwikkelt. Het kunnen wel signalen zijn die erop wijzen dat er iets mis is.”

Dementie

Biessels heeft nog een getal: “Bij dementie blijkt dat ongeveer 50 ­procent van de gevallen kan worden toegeschreven aan een hart- of vaatziekte. Dat is heel veel.” Bij het woord ­dementie denken veel mensen meteen aan de ernstige ­vormen. Als neuroloog ziet Biessels ook veel voorstadia van de aandoening, met nog niet al te grote geheugenproblemen. Juist bij dementie bestaat vaak het idee dat de ziekte van Alzheimer de veroorzaker ervan is. Tegenwoordig weten we dat juist vaatschade en waarschijnlijk ook de bloedvoorziening in de hersenen bepalende factoren zijn.

Volgens Biessels’ collega Daemen is dit een typisch voorbeeld van wat hij ‘verkokerd denken’ noemt. “De gezondheidszorg in Nederland”, stelt hij, “is vooral ingericht op specialistische disciplines. De vaatchirurg kijkt naar de vaten, de longarts naar de longen en de neuroloog naar de hersenen. Elke specialist heeft een goed beeld, maar slechts van een heel klein gebied.”

Compleet plaatje

Het is Daemens doel om het plaatje completer te maken en zoveel mogelijk verbanden te ontdekken. “We willen de gezamenlijke kennis combineren. Van de artsen dus, die veel weten over een bepaald deel van het lichaam, maar bijvoorbeeld ook van epidemiologen, radiologen en onderzoekers die gespecialiseerd zijn in diermodellen.”

Dat is in de praktijk eenvoudiger gezegd dan gedaan. Daemen merkte dat niet iedereen ‘dezelfde taal’ spreekt. “Voordat je van elkaar kunt leren, moet je elkaar eerst begrijpen. Wat voor de een iets is dat hij dagelijks doet, is voor de ander niet automatisch vanzelfsprekend. We moesten dus letterlijk onze werelden voor elkaar openen. En daarmee ging dan ook werkelijk een wereld open.”

'In 50 procent van de gevallen van dementie is een hart- of vaatziekte de oorzaak'

In hun eerste onderzoek bedachten de wetenschappers bijvoorbeeld een model waarbij het hart de pomp ­beneden is, die het bloed naar boven, naar de hersenen brengt. Daemen: “Heel simpel gesteld zagen we dat de hersenen beter functioneerden naarmate er meer bloed binnenkwam. Als er iets mis is met het hart, functioneert het brein dus ook minder goed. Uiteraard is dit in werkelijkheid een stuk complexer; vandaar dat we in 2019 een vervolgonderzoek gestart zijn. Dat wordt gefinancierd door de Hartstichting en loopt in elk geval door tot 2025.”

Hart-breinpoli’s

Het blijft echter niet bij onderzoek alleen. Om de daad bij het woord te voegen en zoveel mogelijk patiënten te laten profiteren van de nieuwste inzichten, komen er speciale hart-breinpoli’s. De eerste is onlangs geopend in Amsterdam en de verwachting is dat er snel een zal volgen in Den Haag. “Deze poli’s”, legt Biessels uit, “moeten ervoor gaan zorgen dat de patiënten zich in alle opzichten beter gaan voelen. Mede dankzij intensieve begeleiding hopen we te bereiken dat ze minder vaak naar afzonderlijke artsen hoeven. Daarnaast willen we te weten te komen welke patiënten hier het meeste baat bij hebben. Dan kunnen we bepaalde zaken mogelijk eerder opsporen. Proactief dus. Helaas moeten we tegelijkertijd erkennen dat we nog altijd geen medicijn hebben om dementie te genezen.”

De revalidatietrajecten worden wél steeds beter. Hoe ga je om met de beperkingen die een hersenziekte kan geven? Het motto hierin is ‘niet rennen, maar plannen’. “Probeer één ding tegelijk te doen”, adviseert Biessels. “Ga rustig zitten, als je een gesprek wilt voeren. Doe ondertussen niet iets anders tegelijk. Zet ook de radio niet aan, als je een e-mail wilt schrijven. Daardoor krijg je die taak wel af en wordt het leven ook weer leuker. We kunnen de klok niet terugdraaien, maar mensen wel leren hoe ze met hun beperking om moeten gaan. Uiteindelijk kunnen ze veel meer dingen wel dan niet. Ze hoeven niet per se in te leveren.”

Eigen rol

Maar wat nu als mensen zelf merken dat ze klachten hebben? Is het verstandig om bij geheugenproblemen ook naar een cardioloog te gaan? Of andersom, moeten mensen met hartproblemen naar een neuroloog? Zo ver wil Biessels niet gaan. “Ik raad mensen aan om hun problemen eerst met de huisarts te bespreken. Die kent hen beter en kan beter beoordelen hoe ernstig bepaalde klachten zijn. Niet iedereen kan dat namelijk zelf goed inschatten. Het is heel normaal dat je, als je ouder wordt, af en toe iets vergeet. Er hoeft niet meteen iets aan de hand te zijn.”

Bovendien spelen er veel meer risicofactoren een rol, die inwerken op het hele lichaam. Met name bij ouderen, weet Daemen. “Gemiddeld zijn hun organen ouder en dus kwetsbaarder. Ze hebben vaker een hoge bloeddruk en ook bloedstolsels komen vaker voor. Voor een deel is daar niets aan te doen. Maar voor een ander deel hebben ze er wel degelijk invloed op: ze kunnen werken aan een betere conditie en een gezondere leefstijl.”

Volgens onderzoek heeft een gezonde leefstijl positieve gevolgen voor zowel het hart als het brein. Dat kan Biessels zeker beamen. “Mensen boven de 70 zijn tegenwoordig een stuk fitter dan pakweg 50 jaar geleden. We denken dat ernstige dementie mede daardoor gemiddeld pas op veel latere leeftijd voorkomt. En dat is toch goed nieuws.”

Tips voor mantelzorgers

Majon Muller is internist en hoog­leraar Cardiovasculaire veroudering in het Amsterdam UMC. In die hoedanigheid is zij de initiator van de onlangs opgestarte hart-breinpoli aldaar. “In de praktijk zien we dat een hartziekte zelden alleen komt. Deze patiëntengroep heeft vaak ook andere problemen, zoals geheugenklachten door vaatschade in de hersenen. Die combinatie vraagt om een bijzondere aanpak, waarin begeleiding een cruciale rol speelt. We kunnen daarbij niet zonder hun naaste familieleden, vrienden of mantelzorgers.” Welke praktische tips heeft zij voor hen?

  • Zorg voor structuur in het leven van de patiënt. Ga regelmatig samen iets doen. Een veelvoorkomend kenmerk is dat men zelf minder initiatief neemt; dat moet dus vaker van anderen komen.
  • Doe één ding tegelijk. Dat is makkelijker en fijner voor de patiënt.
  • Help hen bij ingewikkelde taken.
  • Zorg voor gezonde voeding. Zelf een gezonde maaltijd koken is niet altijd eenvoudig voor deze patiënten. Kook samen of maak gebruik van een gezonde maaltijdservice.
  • Regelmatig bewegen is goed voor de conditie. Als dat lastig is, kan fysiotherapie uitkomst bieden.
  • Denk aan de medicijnen. Hartpatiënten krijgen er soms wel acht per dag. Wie geheugenklachten heeft, zal ze misschien sneller vergeten.
  • Leg alle pillen in de juiste volgorde of vraag de apotheker om hulp. Veel apotheken hebben een handig hulpmiddel: de zogeheten baxterrol. Die verkleint de kans op het verkeerd innemen.

Dit artikel verscheen eerder in Plus Magazine juli/augustus 2021. Abonnee worden van het blad? Dat doet u in een handomdraai!

 

 

Bron(nen):