dinsdag, 24 november 2020

Nederlandse pubers zijn kampioen stilzitten

Hoe krijg je ze aan het sporten?

Nederlandse pubers zijn heel goed in zitten, ze zitten zelfs het meeste van alle jongeren in Europa. Volgens de Leefstijlmonitor 2015 zitten jongeren tussen de 12 en 20 jaar maar liefst 10,4 uur per dag. De hoogste tijd dus om van die bank te komen. Maar hoe? Dat is de grote vraag. Sonja Borgsteede (psycholoog, docent en runningtherapeut) en Mariëlle Beckers (orthopedagoog, runningtherapeut en looptrainer) schreven er een boek over: Kom van die bank af! Gezondheidsnet belde met Mariëlle Beckers.

Hoe komt het dat pubers minder gaan bewegen?

"Als kinderen naar de middelbare school gaan, zie je heel vaak dat het enorm wennen is. Niet alleen aan de andere tijden en nieuwe omgeving, maar ook aan de hoeveelheid huiswerk. De focus ligt dan vooral op leren en het maken van het huiswerk en dan schiet het sporten er bij in. Ze slaan een keertje de voetbal- of hockeytraining over en ouders vinden dat goed en ze worden er ook niet op aangesproken door de trainer en op een gegeven moment stoppen ze er maar helemaal mee. Vooral bij kinderen in lagere teams gaat dit vaak zo. Voor eerste en tweede teams is bij de meeste clubs alles beter geregeld en is er meer controle waardoor die kinderen wel doorgaan met sporten. Ook hebben de ouders hebben veel minder controle dan voorheen doordat ze hun kind niet meer hoeven te brengen en halen."

Bewegen jongeren ook te weinig op school?

"Dat verschilt per school. Ik heb zelf kinderen die naar de middelbare school gaan en die sporten twee uurtjes in de week. En in dat uurtje moeten zich ook nog omkleden, dus de tijd dat ze effectief sporten is niet veel. Dagelijks een uur sporten op school zou een enorme gezondheidswinst betekenen. Dan haalt ieder kind de dagelijks aanbevolen hoeveelheid bewegen. Mijn ideaalbeeld is zoals bijvoorbeeld in Noorwegen les wordt gegeven. Daar krijgen kinderen veel les buiten en heeft standaard ieder kind een regen- en sneeuwoutfit op school liggen, zodat er ook met slecht weer naar buiten gegaan kan worden. Hier in Nederland blijven kinderen met regenachtig weer vaak binnen in de pauze, terwijl het zo belangrijk is om even lekker buiten te zijn en bewegen."

Waarom zijn jullie dit boek gaan geschreven?

"Ons doel is om pubers aan het bewegen te krijgen, minimaal één uur per dag. Dit boek is er om ouders te helpen hun kinderen aan het bewegen te krijgen."

Hoe kunnen ouders hun kind aan het sporten krijgen?

"Als ouders ben je een voorbeeld voor je kinderen. Sport en beweeg je zelf niet dan zullen je kinderen dat ook minder snel gaan doen. Wees dus actief en kom van die bank af. Ga hardlopen of wandelen. Zoek iets wat bij je past. Sport jezelf niet? Geef het goede voorbeeld en spreek af met je kind dat jullie allebei sporten gaan proberen. Zo kun je beiden ontdekken wat je leuk vindt."

En verder? Heb je nog meer tips?

"Je moet pubers vooral niks opleggen. Leg ze uit waarom sporten zo goed voor ze is. Niet alleen fysiek, maar ook geestelijk. Laat ze zelf ontdekken dat sporten leuk kan zijn. En dat ze zich er beter en sterker door gaan voelen. Het maakt ze weerbaarder. Leer ze niet te snel op te geven en stel vooral haalbare doelen."

Over de schrijvers

Sonja Borgsteede (1978) is psycholoog, docent en runningtherapeut. Samen met Mariëlle Beckers heeft ze een eigen praktijk. Ze spreekt (op lezingen en congressen) en schrijft (o.a. als redactieraadslid van De Psycholoog) over vakinhoudelijke onderwerpen. Samen met studenten heeft ze onderzoek gedaan naar effecten van beweging op leren en concentreren. Ze komt zelf graag van de bank af voor hardlopen en wielrennen.

Mariëlle Beckers (1975) is orthopedagoog, runningtherapeut en looptrainer. Ze wordt regelmatig gevraagd als deskundige voor diverse media en spreekt over opvoeden, onderwijs en ontwikkeling op congressen. Daarnaast is ze drie avonden per week te vinden in het Amsterdamse Vondelpark waar ze loop- en bootcamp trainingen geeft aan (pre)pubers. Zelf doet ze graag aan (bikram)yoga, hardlopen en wielrennen.