dinsdag, 15 oktober 2019

Dik door stress

Aanleg voor overgewicht

Regelmatig zie je, bijvoorbeeld op tv of in de krant, dat stress een 'dikmaker' is. Is dat echt zo?

Vier op de tien Nederlanders blijkt door bepaalde genen gevoeliger voor stress, waardoor zij sneller overgewicht en depressies kunnen krijgen.

 

Stresshormonen

Wanneer je veel stress hebt, lichamelijk of psychisch, maakt je lichaam stresshormonen aan. Dat is normaal, maar wanneer je te veel stress hebt, kan dat schadelijk zijn. Je kunt bovendien meer of minder gevoelig zijn voor het schadelijke effect van deze stresshormonen op je lichaam en geest. Dat is genetisch bepaald.

Als je hier gevoelig voor bent, kan dit leiden tot een ongunstige lichaamssamenstelling, zoals meer vet en minder spieren. Sommige variaties in genetische aanleg kunnen ook nog eens tot een hogere bloeddruk en een te hoog cholesterolgehalte leiden.

Ongevoelig voor stress

Ongeveer 10 procent van de mensen is juist relatief ongevoelig voor stress. Zij hebben een gezondere stofwisseling. Dat is onder andere te zien aan een lager cholesterolgehalte en minder 'verklikkereiwit', dat de mate van dichtslibben van de aderen aangeeft. Zij hebben minder kans op het krijgen van bijvoorbeeld diabetes of hart- en vaatziekten.

Je kunt dus aanleg voor overgewicht hebben. Maar let op: het wil namelijk niet zeggen dat je ook echt overgewicht hoeft te krijgen. Als je gezond leeft en eet, verminder je de risico's aanzienlijk. Uiteindelijk is het in grote mate nog altijd je eigen levensstijl die bepalend is of je daadwerkelijk overgewicht krijgt.

Tips tegen overgewicht

Gezond eten blijft belangrijk. Niet te veel vettigheid, zoals koek, snoep, gebak enzovoort.

Een gezond gewicht heeft ook te maken met voldoende lichaamsbeweging. Dat wil zeggen: iedere dag een half uur activiteiten en twee keer per week een uur intensief trainen. Maar het is ook van belang om op tijd je rust te nemen in deze razendsnelle maatschappij.

Op deze manier kun je je gewicht heel goed op peil houden. Misschien word je eerder dik dan een ander, maar je hebt het grootste deel van de eventuele extra kilootjes gelukkig altijd nog zelf in de hand.