dinsdag, 18 mei 2021

Voetproblemen? Blijf er niet mee lopen

Wat kun je zelf doen om voetklachten te voorkomen?

Nederlanders wandelen graag en veel. Helaas kunnen voetproblemen roet in het eten gooien. Podotherapeut Dorien Ketelaars legt uit hoe je van die vervelende klachten afkomt. Of beter nog: hoe je ze vóór kunt blijven.

Je staat er vermoedelijk nooit bij stil, maar je voeten zijn ingenieuze bewegingsfabriekjes. 26 botjes, 19 spieren en pezen, en 107 banden houden de boel bij elkaar en zorgen ervoor dat je je voeten op verschillende manieren kunt gebruiken. Bijvoorbeeld om te staan en te lopen. Schattingen variëren, maar vermoedelijk legt een mens in zijn leven lopend gemiddeld 100.000 kilometer af. Dat is 2,5 keer de aarde rond!

Niet verwonderlijk dus dat de pezen en banden in je voeten in de loop der jaren door veelvuldig gebruik en veroudering wat verslappen. Ze moeten dan harder gaan werken om je lichaam in balans te houden. Gaandeweg rekt alles ook meer uit, waardoor er ruimte tussen de voetbotjes ontstaat. De voet wordt dan wat langer en vooral ook breder. Schoenen die altijd prima pasten, komen ineens te strak te zitten, met allerlei mogelijke problemen tot gevolg. Denk aan pijnlijke, branderige en vermoeide voeten, likdoorns (kegelvormige eeltplekken), overmatige eeltvorming, ingroeiende teennagels of knobbels aan de grote tenen (hallux valgus).

Veroudering

Podotherapeut Dorien Ketelaars ziet in haar Veghelse praktijk veel 55-plussers met dit soort klachten. Een podotherapeut is een wettelijk erkende paramedicus, die een vier-jarige hbo-opleiding heeft gevolgd. Niet te verwarren met een podoloog, die geen erkend medisch beroep heeft. Ook zonder kwalificaties mag iedereen zich podoloog noemen.

Als podotherapeut diagnosticeert en behandelt Ketelaars voetklachten (of klachten op andere plekken in het lichaam die daar het gevolg van zijn). Meestal gaat het om pijn of vermoeidheid, vergroeiingen en/of huid- en nagelaandoeningen. Maar ook diabetes- en reumapatiënten met ernstige voetklachten kunnen bij een podotherapeut terecht.

“Veel van de problemen waar 55-plussers zich mee melden zijn het gevolg van veroudering”, vertelt Ketelaars. “Behalve eerdergenoemde klachten zie ik bijvoorbeeld ook vaak dat de vetkussentjes onder de bal van de voet en de hiel dunner zijn geworden. Mensen hebben dan het gevoel dat ze op steentjes of direct op hun botjes lopen. Dat kan heel pijnlijk zijn. Verder slijt het kraakbeen tussen de voetgewrichten, waardoor je eerder last krijgt van stijfheid, pijn en vergroeiingen.”

Een verkeerd staande voet – te veel naar binnen of naar buiten bijvoorbeeld – kan ook voor overbelasting en pijn, of zelfs een ontsteking zorgen. Soms geeft een afwijkende voetstand bovendien klachten in de enkel, knie, heupen, rug of nek. Een ander probleem is dat met het ouder worden de benen en voeten dikwijls minder goed doorbloed raken. Het gevolg: een drogere huid en daarmee meer kans op kloven (scheurtjes) en wondjes. Door veroudering genezen die ook nog eens minder snel. Hetzelfde geldt voor eventuele schimmelinfecties in de huid of de nagel.

Wie de schoen past

Vrouwen hebben tot wel vier keer zoveel voetklachten als mannen. Dat komt vooral door hun hogere hakken. “Als vrouwen altijd dezelfde schoenen zouden dragen als mannen, zouden de aantallen vermoedelijk bijna gelijk zijn”, stelt Ketelaars. “Hoe hoger de hak, hoe meer de botjes, spieren, banden en pezen in de voorvoet en de tenen bij elkaar worden geduwd.”

Die extra druk kan ervoor zorgen dat de grote teen naar binnen buigt, met mogelijk pijn, een ingroeiende teennagel of teenknobbel tot gevolg. De wrijving tussen de huid en schoen vergroot verder de kans op dik eelt en likdoorns. Ook worden zenuwen afgekneld. Dat kan tintelingen of een dof gevoel veroorzaken.

Een kleine hak — 2 à 3 centimeter — is overigens wel weer beter dan helemaal geen hak. Een lichte verhoging verdeelt het gewicht gelijkmatiger over je voet en helpt je meer rechtop te staan. Dat verkleint dan weer de kans op bijvoorbeeld knie- of rugklachten.

“Niet goed passende schoenen zijn sowieso een van de belangrijkste oorzaken van voetklachten”, vertelt Ketelaars. “Oók bij mannen. Mensen zijn gewoontedieren: ze kopen vaak steeds dezelfde modellen en maten. Maar de meesten van ons — vrouwen én mannen — hebben met het ouder worden echt een maatje groter en soms ook breder nodig om comfortabel te kunnen blijven lopen.”

Een goed passende schoen is volgens haar stevig — de zool moet soepel zijn, maar niet dubbel te vouwen — en laat voldoende ruimte (een centimeter) voor de tenen. “Je hoort er als het ware mee te kunnen ‘pianospelen’ in je schoen.” Aan de zijkant, bij de kleine tenen, moet ook nog enige speelruimte zijn. Het beste is om een hak van maximaal drie centimeter te nemen. Verder is het belangrijk dat de schoen goed aansluit op de wreef. Ketelaars: “Zo niet, dan gaat de voet schuiven en moet je constant je spieren spannen om niet uit de schoen te slippen. Dat geldt trouwens óók voor pantoffels.” Ze adviseert om schoenen altijd aan het eind van de middag te kopen, als je voeten op hun grootst zijn. “In een speciaalzaak kun je zowel de lengte als breedte van je voet laten meten, en daar de juiste maat bij zoeken. Vaar niet blind op je gebruikelijke maat; per fabrikant en model kan de omvang verschillen. Laat je verder niet verleiden door het bekende verkooppraatje dat een strakke schoen wel uitloopt. Je voet vormt zich eerder naar je schoen dan andersom.”

Professionele hulp

Terug naar voetproblemen. Als je last hebt van wat eelt — een natuurlijke reactie op overmatige druk en wrijving op de huid — kun je dat zelf voorzichtig met een schuurpapieren eeltvijl verwijderen. Haal niet te veel weg en gebruik vooral geen ijzeren rasp. Daarmee beschadig je de huid snel, met kans op wondjes en infectie. “Voor alle andere voetproblemen is het om verstandig professionele hulp te zoeken”, adviseert Ketelaars. “Oók voor likdoorns. Bij de drogist zijn diverse middeltjes tegen likdoorns te krijgen. Maar daarmee lukt het meestal niet de dieperliggende ‘pit’ van de likdoorn te verwijderen.”

Met eeltproblemen (likdoorns of dik eelt), nagelproblemen (ingroeiende teennagel, schimmelnagel) en huidproblemen (droge huid, kloven, schimmel) kun je terecht bij een pedicure. Die geeft ook advies over bijvoorbeeld schoeisel, persoonlijke hygiëne en huidverzorging. Voor ernstigere voetproblemen, of klachten die het gevolg zijn een verkeerde stand van de voeten of knieën, ga je naar een podotherapeut. Net als bij de fysiotherapeut kun je daar zonder verwijzing terecht.

“We hebben allerlei middelen tot onze beschikking om voetproblemen te verhelpen”, besluit Ketelaars. “De belangrijkste zijn het aanmeten en maken van maatwerkzolen en ortheses — siliconen teenstukjes — om de stand van de teen te corrigeren of de teen te beschermen. Verder behandelen we wonden, ernstige likdoorns en ingegroeide teennagels. Ook maken we nagelbeugeltjes om de vorm van nagels aan te passen en ingroeien te voorkomen.”

Ze drukt lezers op het hart om vooral niet door te lopen met voetproblemen. “Die lossen zich meestal niet vanzelf op. Sterker nog, als je geen actie onderneemt, verergeren ze vaak alsmaar. Dat is niet alleen pijnlijk, maar kan er zelfs voor zorgen dat je minder buiten de deur komt. Bovendien: hoe langer je met pijn in de voet doorloopt, hoe meer tijd het kost om te herstellen. Dus hoe eerder je er wat aan doet, hoe beter.”

Wat kun je zelf doen om voetklachten te voorkomen?

  • Draag passende schoenen met voldoende ruimte voor je tenen en niet te hoge hakken.
  • Knip teennagels recht en niet te kort af (ook geen ronde hoekjes); dit voorkomt ingroei. Een echt nagelschaartje (in plaats van een nagelknipper) laat minder haaltjes achter.
  • Droog je voeten altijd goed af, vooral tussen de tenen. Is de handdoek daarvoor te dik, gebruik dan tissues.
  • Smeer je voeten regelmatig in met een speciale voetencrème, ter voorkoming van een droge huid, kloven en eelt.
  • Neem nooit langer dan vijf minuten een voetenbad. Blijf je langer in het water, dan verweekt de huid waardoor die extra kwetsbaar wordt voor wondjes of infecties.
  • Op blote voeten lopen is geen probleem, zolang je geen klachten hebt. Bij voetproblemen is het beter om stevige schoenen te dragen. Daarmee wordt de voet gecorrigeerd.
  • Als je slippers draagt, moeten de spieren in je voet hard werken om de slipper op z’n plek te houden. Bij veelvuldig gebruik kan dat tot overbelastingsklachten leiden.
  • Draag je toch slippers, kies dan voor een goed passend model. Te kleine slippers veroorzaken eelt op de hielen.
  • Een tip voor wandelaars: gebruik naadloze sokken, liefst van wol of katoen. Die verminderen de kans op blaren.
  • Trek bij klachten tijdig aan de bel bij pedicure of podotherapeut.

Zo vind je een podotherapeut

Er zijn zo’n 750 podotherapeuten in Nederland. Op de website van de Nederlandse Vereniging van Podotherapeuten, www.podotherapie.nl, vind je een praktijk in de buurt. Tip: neem bij een eerste bezoek een paar veel gedragen schoenen mee. Dat helpt om een goede diagnose te stellen.

De website www.provoet.nl geeft een overzicht van de ongeveer 13.000 pedicures die bij de branchevereniging zijn aangesloten. Zij hebben allemaal een erkende opleiding tot pedicure gevolgd.

Dit artikel verscheen eerder in Plus Magazine januari 2021. Abonnee worden van het blad? Dat doet u in een handomdraai!

Bron(nen):