dinsdag, 27 oktober 2020

8 vragen over het buitenlandsaccentsyndroom

Wanneer je ineens met een buitenlands accent praat

Stel je eens voor: na een beroerte praat je ineens met een buitenlands accent. Je hebt dan waarschijnlijk het buitenlandsaccentsyndroom, ook wel het Foreign Accent Syndrome (FAS) genoemd. Taalkundige Stefanie Keulen deed hier - in samenwerking met de Vrije Universiteit Brussel en de Rijksuniversiteit Groningen - onderzoek naar. Gezondheidsnet stelde haar acht vragen over dit syndroom.

1. Wat is het syndroom?

"Het buitenlandsaccentsyndroom - ook wel het Foreign Accent Syndrome (FAS) genoemd - is een motorische spraakstoornis waarbij veranderingen in de uitspraak van de spraakklanken en problemen met de intonatie ervoor zorgen dat het lijkt alsof iemand met een buitenlands accent spreekt.

Er is ook nog een ander syndroom dat erop lijkt: het Foreign Language Syndrome (FLS). In dit geval spreekt iemand ineens een geheel nieuwe taal."

2. Hoe spreken mensen met dit syndroom?

"Mensen met FAS spreken hun moedertaal met een buitenlands accent. Deze patiënten hebben de taal van het accent dat ze aannemen normaal gesproken niet aangeleerd. Tegenwoordig spreekt iedereen bijna twee talen, dus dat lijkt moeilijk houdbaar. Iedereen heeft ook wel andere talen en accenten gehoord."

3. Bij welke mensen kan dit voorkomen?

"Bij mensen die een beroerte hebben gehad, maar ook psychiatrische patiënten met bijvoorbeeld schizofrenie. Het komt ook voor bij MS-patiënten, kankerpatiënten en mensen met dementie, maar dat wordt minder gemeld. Er zijn ook kinderen die vanaf de taalontwikkeling hun moedertaal met een vreemd accent spreken.

Het syndroom komt ook verschillend tot uiting: soms ontstaat het direct - bij mensen met schizofrenie kan het bijvoorbeeld acuut ontstaan tijdens aanvallen - terwijl het bij een beroerte zowel ineens als geleidelijk op kan treden."

4. Hoe ontstaat het?

"Daar moet nog meer onderzoek naar gedaan worden. De hypotheses verschillen ook nog eens voor de verschillende varianten. In het geval van de neurologische aandoeningen, zoals een beroerte, komt het vaak door een gebied in de hersenen dat is aangetast. Dit gebied is verantwoordelijk voor de planning en aansturing van de articulatie, maar er zijn ook uitzonderingen.

Een hypothese is dat het letsel de planning en aansturing van de spieren - die betrokken zijn bij de articulatie van klanken - in de war stuurt. In de hersenen werken verschillende delen of netwerken met elkaar om tot spraak te komen, een letsel binnen zo’n groter netwerk kan dus de goede communicatie en werking tussen verschillende delen verstoren. Het gevolg is dus ook dat FAS wel vaker voorkomt bij taalstoornissen als afasie, waarbij bijvoorbeeld lezen, spreken en schrijven heel erg moeilijk is."

5. Welke mensen hebben een groter risico om het te krijgen?

"Vrouwen hebben over het algemeen een groter risico dan mannen. Van de FAS-patiënten met beroerte zijn er ongeveer evenveel mannen als vrouwen die getroffen worden door FAS. Voor de groep met psychiatrische patiënten zijn er meer vrouwen dan mannen die getroffen worden door FAS. Dit is echter op basis van de gerapporteerde gevallen, en dat zijn er nog niet veel." 

6. Bij hoeveel mensen komt dit syndroom voor?

"Er zijn op dit moment ongeveer 180 gevallen bekend in de hele wereld, maar dit gaat enkel om de gevallen die geregistreerd zijn. Niet iedereen doet melding van dit syndroom. Dit zou wel moeten, want op deze manier kan er meer onderzoek naar gedaan worden."

7. Hoe gaan mensen ermee om?

"De problemen waar patiënten tegenaan lopen, hebben te maken met het verwerven van een nieuwe identiteit. Ze spreken ineens anders, en dat heeft effect op hun vriendschappen en hoe zij in de maatschappij functioneren. Ze proberen vooral hun nieuwe accent te aanvaarden."

8. Kan er iets aan gedaan worden?

"Meestal wordt logopedie voorgesteld, waarbij dezelfde therapie wordt aangeboden als aan patiënten met motorische spraakstoornissen. Soms wordt er ook psychologische ondersteuning aangeboden vanwege psychologische veranderingen die de patiënten ondergaan. Er wordt ondertussen ook onderzoek gedaan naar de effecten van medicatie, maar dat moet nog verder onderzocht worden."

Stefanie Keulen is taalkundige en heeft voor haar doctoraatsstudies - in samenwerking met de Vrije Universiteit Brussel en de Rijksuniversiteit Groningen - onderzoek gedaan naar het buitenlandsaccentsyndroom (Foreign Accent Syndrome).