vrijdag, 15 november 2019

Aan deze zes problemen herken je dementie

Het verschil tussen gewoon wat vergeten en dementeren

Is bijvoorbeeld je moeder een dagje ouder en vergeet ze wel eens afspraken, namen of haar sleutels? Dan ga je je misschien zorgen maken. Wat is het verschil tussen gewoon wat vergeten en dementeren? Aan deze zes problemen herken je dementie.

1. Problemen met het geheugen

  • Nieuwe informatie of wat gisteren gebeurd is vergeten.
  • Kennis van vroeger verdwijnt.
  • Familieleden en kennissen niet herkennen.

In de loop der jaren gaat je geheugen achteruit. Je wordt wat vergeetachtiger dan je vroeger was. Je kunt even niet op een naam komen of vergeet een keer een afspraak. Je loopt naar boven om iets te pakken, maar eenmaal boven is je ontschoten wat je ook alweer nodig had. Dit is normale vergeetachtigheid: het is soms een beetje onhandig, maar je functioneert verder prima. Je bent in staat om je bankzaken te regelen, je huishouden te runnen en zelfstandig op pad te gaan. Bij dementie is er meer aan de hand dan alleen vergeetachtigheid. Iemand die dementeert, krijgt moeite met alledaagse taken. Vaak verandert het gedrag en wordt communicatie een probleem.

2. Problemen met de oriëntatie

  • De weg kwijtraken op bekende plekken.
  • Vergeten waar je bent en hoe je daar gekomen bent
  • Minder besef hebben van tijd: niet goed weten of het nu ochtend of al middag is.

3. Problemen met communiceren

  • Gesprekken moeilijk kunnen volgen.
  • Ineens ophouden met praten middenin een gesprek.
  • Vreemde antwoorden geven.
  • In herhaling vallen: steeds hetzelfde vragen of vertellen.
  • Namen en woorden vergeten.
  • Meer haperen dan voorheen.

4. Problemen met alledaagse taken

  • Dagelijkse dingen als aankleden, koffie zetten en zichzelf verzorgen worden lastiger.
  • Het huishouden is rommeliger dan vroeger.
  • Iets plannen of in de juiste volgorde uitvoeren, zoals bij het koken, lukt niet goed.
  • Dingen kwijtraken of denken dat iemand ze gestolen heeft.
  • Te veel geld uitgeven of te veel boodschappen in huis halen.

5. Lichamelijke problemen

  • Afvallen.
  • Moeite met lopen.
  • Problemen met zien of afstanden inschatten.

6. Problemen met stemming, ander gedrag

  • Rusteloosheid: steeds rondlopen en iets lijken te zoeken.
  • Passiviteit: juist weinig doen, veel slapen.
  • Minder meedoen aan sociale activiteiten, zich terugtrekken.
  • Somber, angstig of achterdochtig zijn.
  • Veranderen van karakter, dingen doen die je vroeger nooit deed.

Op de website van Alzheimer Nederland kun je een geheugentest maken. Om jezelf te testen, maar je kunt de test ook invullen met iemand in gedachten waar je je zorgen over maakt.

Bron(nen):