maandag, 21 oktober 2019

Toxisch Shock Syndroom (TSS): tamponziekte

Hoe gevaarlijk zijn tampons?

Je ziet, voelt en ruikt ze niet. Je kunt ermee zwemmen, naar de sauna of douchen in de sportschool. Al met al bieden tampons meer discretie en vrijheid dan een maandverband. Maar als je tampons gebruikt, loop je wel een klein risico op het gevaarlijke Toxisch Shock Syndroom (TSS) oftewel de tamponziekte.

Tamponziekte is een acute, potentieel levensbedreigende infectieziekte, die kan ontstaan door tampongebruik. De wetenschappelijke naam is Toxisch Shock Syndroom (TSS). Zonder behandeling kun je er namelijk van in shock raken. Dit gebeurt door een heftige reactie van het immuunsysteem op bacteriële gifstoffen.

Tegenwoordig zeer zeldzaam

Eind jaren 70 en begin jaren 80 kwam tamponziekte ineens vaak voor. Dit gebeurde nadat een nieuw soort synthetische, superabsorberende tampon op de markt was gebracht, die langer dan 24 uur gedragen kon worden. Toen deze tampons uit de handel werden genomen, daalde het aantal TSS-gevallen drastisch. Gelukkig komt tamponziekte tegenwoordig nog maar zelden voor. Het treft in het algemeen vrouwen tussen de 15 en 25 jaar.

Oorzaak TSS

TSS wordt meestal veroorzaakt door de Stafylococcus aureus bacterie. Dit micro-organisme komt bij veel mensen voor, maar veroorzaakt normaal gesproken geen ziekte. Onder bepaalde omstandigheden, zoals het langdurig inhouden van een tampon, kunnen deze bacteriën zich echter ophopen (in de tampon). Als de gifstoffen die zij produceren in de bloedbaan terechtkomen, ontstaat TSS. Je krijgt dan acuut, zeer heftige klachten, zoals:

  • Hoge koorts (vaak hoger dan 39 graden Celsius).
  • Griepachtige klachten, zoals koude rillingen, hoofdpijn, vermoeidheid, spierpijn, misselijkheid, braken en/of diarree.
  • Rode huiduitslag over het hele lichaam.
  • Duizeligheid.
  • Flauwvallen.
  • Desoriëntatie en verwarring.
  • Extreme daling van de bloeddruk (shock).

Zonder behandeling kunnen er zeer ernstige complicaties optreden, mogelijk (in 5 procent van de gevallen) met een dodelijke afloop.

Het is nog onduidelijk waarom sommige vrouwen wel tamponziekte krijgen en anderen niet. Waarschijnlijk komt dit omdat niet iedereen voldoende weerstand heeft om het gif van bepaalde bacteriestammen te neutraliseren. De kans op tamponziekte is groter voor mensen die dit al eens hebben gehad.

Hoe voorkom je tamponziekte?

Het risico op TSS verklein je door de volgende tips ter harte te nemen:

  • Gebruik tampons met een zo laag mogelijk absorptievermogen. Verwissel deze regelmatig: iedere 2-4 uur. Laat ze nooit langer dan 8 uur zitten.
  • Was je handen steeds voor en na het inbrengen en verwijderen van een tampon.   
  • Gebruik niet tijdens de hele menstruatie tampons, maar wissel ze af met maandverband (bijvoorbeeld ‘s nachts).   
  • Gebruik tampons alleen maar tijdens de menstruatie en dus niet om vaginale afscheiding mee op te vangen.   
  • Gebruik geen tampon als je als eens eerder tamponziekte hebt gehad.

Behandeling

Bij tamponziekte is spoedeisende medische hulp noodzakelijk. De behandeling hangt af van de ernst van de aandoening en het stadium waarin deze verkeert. Ernstige TSS wordt met antibiotica behandeld. Bij een verlaagde bloeddruk worden in het ziekenhuis medicatie tegen een verlaagde bloeddruk en extra vocht (via een infuus) tegen uitdroging gegeven. Mogelijk is nierdialyse, het toedienen van bloedproducten en/of extra zuurstof nodig.

Conclusie

Omdat hedendaagse tampons van katoen gemaakt zijn en een lager absorptievermogen hebben, treedt tamponziekte nog maar zelden op. Als je jezelf daarbij houdt aan de gebruikstips hierboven, is het risico op TSS ongelooflijk klein. Dat neemt niet weg dat je de mogelijkheid ervan in je achterhoofd moet houden, voor het geval jij nu net die enorme pech hebt. Bij verschijnselen die mogelijk wijzen op deze gevaarlijke ziekte, moet je direct je tampon verwijderen en zo snel mogelijk een arts waarschuwen.

Bron(nen):