woensdag, 30 september 2020

Aften bij kinderen

Pijnlijke plekjes in je mond

Aften zijn kleine pijnlijke zweertjes die op het wangslijmvlies, de binnenkant van de lippen en de onderkant van de tong en mondbodem ontstaan. Ze komen geregeld bij kinderen voor.

Over het algemeen zijn aften rond of ovaal, met een diameter van maximaal vijf millimeter. De plekjes hebben een grijsachtige bodem en een rode rand. Vooral bij het eten kunnen aften veel pijn doen.

Niet hetzelfde als zweertjes

Aften zijn anders dan zweertjes in de mond die worden veroorzaakt door een infectie met het herpesvirus. Bij een uitgebreide herpesinfectie zijn kinderen vaak ook ziek, hebben koorts en is het mondslijmvlies fors aangetast. Deze zweertjes komen in groten getale voor in de mond, maar kunnen ook op de lippen en/of de huid verschijnen.

Oorzaken

De oorzaak van aften is nog onbekend. Er zijn geen virussen of bacteriën die aften kunnen veroorzaken. Als kinderen op hun wang of tong bijten, beschadigt hun mondslijmvlies. Dit zou wel een rol kunnen spelen. Ook een slechte mondhygiëne is mogelijk een oorzaak voor aften.

Als je kind een verminderde weerstand heeft, kan het zijn dat hij sneller last heeft van aften. Er is nooit aangetoond dat aften ontstaan door een vitaminetekort en het heeft ook niets te maken met scheurbuik (een langdurig gebrek aan vitamine C).

Behandeling

Als je kind veel last heeft van zijn mond, kan er een lidocaïnegel worden voorgeschreven. Lidocaïne verdoofd het mondslijmvlies en maakt de huid gevoelloos. Als je kind eet of drinkt, moet je daarom wel rekening houden met kans op verslikking. De werking van de gel is maar kort en geeft dus vaak ook onvoldoende verlichting van de klachten.

Er is geen onderzoek nodig bij gezonde, goed groeiende kinderen waarbij aften de enige klacht zijn. Bij slechte groei of maag- en darmklachten is het nodig om een dokter te raadplegen. Het komt heel soms voor dat artsen een relatie zien tussen aften en coeliakie, de ziekte van Crohn of de ziekte van Behçet.

Dit artikel is goedgekeurd door Dr. J.M. de Bont, kinderarts-kinderneuroloog in UMC Utrecht.

Laatst herzien op