dinsdag, 27 oktober 2020

Sporten met een blessure: 4 tips

Actief blijven is beter voor de conditie

Tijdelijk uitgeschakeld door een tenniselleboog of hardlopersknie? Je kunt beter actief blijven dan bij de pakken neerzitten. Zo voorkom je dat je conditie achteruit holt. Vier tips voor sporten met een blessure.

1. Stop op tijd

Voorkomen is natuurlijk beter dan genezen. Wie ergens klachten heeft, gaat – vaak zonder dat hij het merkt – anders bewegen om die plek te ontzien. Het gevolg: overbelasting (en blessures) op andere plaatsen in het lichaam. Luister dus naar je lichaam en neem klachten serieus. Zijn die na een paar dagen nog niet over? Vraag advies aan huisarts of (sport-)fysiotherapeut.

2. Blijf in beweging

Wie door een blessure langdurig niet meer kan sporten, verliest per dag tot wel 150 gram spierweefsel, ofwel 4 procent van zijn kracht. Iemand die normaliter 50 kilo kan tillen, krijgt na twee weken (absolute) rust nog maar 40 kilo van de grond.

Om de conditie op peil te houden, is het goed alternatieve vormen van beweging te zoeken. Bij klachten aan schouder of arm is wandelen bijvoorbeeld een goede manier om fit te blijven. Bij knie-, enkel- en voetklachten is (licht) fietsen een prima alternatief. Aqua-aerobics is een andere sport die je met de meeste gewrichtsklachten uitstekend kunt doen. Voor spierbehoud is krachttraining heel doeltreffend.

3. Laat een sportkeuring doen

Twijfel je over in hoeverre sporten met jouw conditie gezond is? Of ben je bang voor (meer) blessures? Laat dan een sportmedische keuring doen. Bij zo’n keuring (die soms deels door zorgverzekeraars wordt vergoed) brengt een sportarts mogelijke gezondheidsrisico’s in kaart en geeft hij advies op maat over sportkeuze en conditieverbetering.

4. Start na een blessure rustig op

Als je na een periode van gedwongen rust eindelijk weer mag bewegen, is de verleiding groot om er meteen 100 procent voor te gaan. Maar juist dan is het risico op een (nieuwe of verergerde) blessure groot. Vergeet niet dat je spieren minder aankunnen dan voorheen. Bovendien herstellen banden en pezen minder snel dan de conditie. Heel langzaam opbouwen dus!

Met dank aan Jeroen Bijman, sportfysiotherapeut bij Sport en Therapie in Purmerend en bestuurslid van de Nederlandse Vereniging voor Fysiotherapie in de Sportgezondheidszorg (NVFS).

Bron(nen):