dinsdag, 28 januari 2020

IJsklimmen: wie durft?

Zenuwslopende tak van sport

Aan een ijsbijl hangen boven een peilloos ravijn: altijd al willen doen? IJsklimmen is een pittige tak van sport, voor echte durfals.

Wie de adrenaline voortdurend door de aderen wil voelen, moet zich eens overgeven aan deze zenuwslopende en niet ongevaarlijke tak van sport.

Steile ijswanden

Met stijgijzers aan je bergschoenen, een helm op je hoofd, een paar kilo touwen aan je riem en een ijsbijl in de aanslag werk je je langzaam op bizar steile ijswanden naar boven. Slechts nu en dan een zogenoemde 'standplaats' makend op een richeltje, terwijl beneden je een peilloos diep ravijn gaapt.

Waar?

IJsklimmen wordt vooral gedaan in IJsland, Noorwegen en Zweden. Daar bevinden zich de meest geschikte bevroren watervallen en gletsjers, waar ijsbijlen in gekliefd kunnen worden.

Maar er zijn ook minder bekende locaties, zoals Schotland, waar de bergen niet zo hoog zijn, maar minstens zo steil en spannend (www.buitensport-schotland.nl/ijsklimmen/index.php).

Wat moet je weten?

Voor ijsklimmen moet je de basisprincipes van het bergbeklimmen goed onder de knie te hebben. Volg altijd een basiscursus ijsklimmen. Daarvoor hoef je niet naar een ver land.

Je kunt oefenen op een indoor klimwand. Er is ook een heuse indoorijswand, Globe Outdoor in Den Haag, waar je het ijsklimmen prima kunt leren (www.globeoutdoor.nl).

Algemene informatie over klimmen kun je in Nederland krijgen bij de Nederlandse Klim- en Bergsport Vereniging (www.nkbv.nl) en in België bij acht klimclubs verenigd in de Bergstijgers (www.bergstijgers.org)