woensdag, 2 december 2020

Bruine huidvlekjes. Hou ze in 't oog!

Zijn het sproetjes of is het gevaarlijk?

Soms verschijnen op onze handen of armen kleine bruine vlekjes, veroorzaakt door de zon. Wat moeten we daarmee? En moeten we ons ongerust maken?

Het zomerzonnetje is aanlokkelijk om onze huid bloot te stellen aan de zon. Maar soms ontdekken we na verloop van tijd kleine bruine vlekjes die we nog niet eerder hebben gezien. Als het niet meer zijn dan onschuldige huidvlekjes, hoeven we ons geen zorgen te maken, maar...

Hoe herken je huidvlekjes?

Het zijn kleine, lichtbruine vlekjes zonder reliëf. Ze zijn maar enkele millimeters groot, maar kunnen uitgroeien tot enkele centimeters. Ze verschijnen op delen van het lichaam die aan het zonlicht blootgesteld zijn, zoals het gelaat, de halsuitsnijding, de rug van de handen, de armen.

Hoe worden ze gevormd?

Blootstelling aan de zon veroorzaakt een hyperpigmentatie en een verandering van de opperhuid. Gewoonlijk verschijnen de vlekjes rond 30 à 35 jaar (soms ook vroeger), afhankelijk van de graad van blootstelling aan de zon en het huidtype van de persoon (bleke huid, matte huid). Wanneer je vaak in de zon loopt, is de kans dat je ermee te maken krijgt dus groter. Hoe jonger je bent, hoe zichtbaarder de vlek.

Een verband met de leeftijd?

Huidvlekken en ouderdom gaan hand in hand: hun aantal vergroot met het vorderen van de leeftijd. Anderzijds veroorzaakt de zon ook een veroudering van de huid, bovenop de natuurlijke veroudering (zonder invloed van de zon). De huid verliest haar elasticiteit, wordt droger en fijner, en er ontstaan rimpels.

Hoe kun je jezelf beschermen?

Een degelijke bescherming is absoluut nodig. Je hebt ongetwijfeld al horen spreken over het zonnekapitaal: dit is de hoeveelheid weerstand die een persoon heeft tegenover de zon. Het is belangrijk dat we dit kapitaal niet te snel uitputten. De ideale bescherming bestaat erin je niet bloot te stellen aan de zon tijdens de warmste uren van de dag, beschermende kledij te dragen en indien je toch in de zon gaat, je in te smeren met zonnecrème (minstens factor 30) die je om de twee uur voldoende dik aanbrengt.

Zijn ze gevaarlijk?

In de meeste gevallen niet. Je moet ze wel in de gaten houden, voor het geval er veranderingen optreden. In zeldzame gevallen kan het huidvlekje kanker worden: er vormt zich dan een zogenaamde actinische keratose (een precancereus letsel) dat kan evolueren tot een huidcarcinoom. Dit is een vorm van kanker met een grote kans op genezing, tenminste wanneer hij op tijd wordt behandeld.

Moet je vlekjes laten verwijderen?

U kunt ze inderdaad laten verwijderen, om esthetische redenen of omdat uw arts vreest dat de vlekjes kunnen ontaarden in actinische keratose. Dit gebeurt meestal door  cryotherapie met vloeibare stikstof (of met droogijs). Hierdoor wordt de vlek lichter en/of kan ze helemaal verdwijnen. De behandeling duurt maar enkele seconden. Soms zijn meerdere behandelingen nodig.

Het is belangrijk dat u weet dat de vlekken kunnen veranderen in de dagen die op de ingreep volgen. Ze nemen dan een eigenaardige vorm aan en worden zwart. Sommige mensen maken zich daar zorgen over maar na een dag of negen zal je merken dat er een laagje huid loskomt, alsof de vlekjes vervellen. Eronder is de huid een beetje roze en kwetsbaar. Daarom is het beter die behandeling in de winter te laten uitvoeren, wanneer je niet blootstaat aan de zon. Soms gebeurt het dat de vlek na enkele jaren terugkeert. Ook een behandeling met crèmes is mogelijk, maar vanzelfsprekend altijd op voorschrift van de dermatoloog.

Andere manieren om de huid te beschermen?

De beste manier is blootstelling aan de zon te vermijden. Ook worden wel eens voedingssupplementen voorgeschreven.

En zomersproetjes?

Ook de typische zomersproetjes worden geactiveerd bij blootstelling aan de zon maar, anders dan bij bruine huidvlekjes, gaan ze niet gepaard met huidveroudering. In feite leert hun aanwezigheid ons gewoon dat de huid van die persoon zeer gevoelig is voor de zon. Dus is een degelijke bescherming hier dubbel noodzakelijk!

 

Bron(nen):