woensdag, 30 september 2020

Piekeren als dagtaak

Gegeneraliseerde angststoornis

"Waarom is hij nog niet thuis? Er zal toch geen ongeluk gebeurd zijn?" Zulke gedachten komen bij iedereen wel eens op. Maar mensen die overmatig bezorgd zijn, maken zich vaak zorgen zonder reden. Over de toekomst en over allerlei dagelijkse gebeurtenissen. Zij hebben een gegeneraliseerde angststoornis.

Iemand die een gegeneraliseerde angststoornis (GAS) heeft, is erg vaak bang en nerveus. Vervelende gedachten dringen zich op. "Wat als ik geldproblemen krijg? Als mijn kinderen maar niet ziek worden. Als deze bus maar niet in de sloot rijdt." GAS is één van de meest voorkomende angststoornissen. Elk jaar krijgen ongeveer zeven op de duizend mensen hier mee te maken.

Altijd angstig

GAS is anders dan andere angststoornissen. Bij de meeste angststoornissen ben je bang voor iets. Bang om naar buiten te gaan, bang om te vliegen. De angst gaat weg als de nare situatie voorbij gaat. Maar iemand die een angststoornis heeft, is langer dan een half jaar angstig. Zonder dat daar een speciale reden voor is. Soms zijn er betere dagen, maar de meeste dagen heb je wel last van angst. Je hebt dan drie of meer van de volgende klachten:

  • onrustig
  • concentratieproblemen
  • prikkelbaar
  • sneller vermoeid
  • slaapproblemen
  • problemen met spierspanning

Hierdoor kun je denken dat je dood gaat of gek wordt. Lichamelijk kun je last krijgen van hartkloppingen, zweten en beven. Je handen tintelen en je voelt je misselijk.

Dit geeft problemen in je dagelijkse bezigheden. Je gaat minder met vrienden om en zegt afspraken af. Ook op je werk komt er niets meer uit je handen. Het is moeilijk om zelf te bepalen of je een gegeneraliseerde angststoornis hebt. Angsten kunnen namelijk ook ontstaan door een andere ziekte of door bepaalde drugs of medicijnen. Een arts of psycholoog kan je hierbij helpen.

Vaker bij vrouwen

GAS is erfelijk. Toch krijg je niet een angststoornis, omdat je moeder er ook één heeft gehad. Vaak spelen er meerdere dingen. Er gebeurt iets ingrijpends, waardoor je erg van slag raakt. Of je maakt je sowieso erg snel zorgen. Of de stofjes in je hersenen zijn ontregeld, waardoor je sneller bang bent.

Deze angststoornis komt twee keer zoveel voor bij vrouwen. Je kunt het op alle leeftijden krijgen. Maar het komt wel meer voor als je ouder wordt.

Tips:

  • Neem de tijd: Het zal een poos duren voordat je om hebt leren gaan met de stoornis. Leg de lat niet te hoog voor jezelf.
  • Zoek informatie: Zorg dat je genoeg weet over gegeneraliseerde angststoornis. En dat mensen in je directe omgeving ook weten wat het is.
  • Breng stuctuur aan in je leven: Bedenk een vast programma voor je bezigheden.

Behandeling

Jammer genoeg gaat GAS niet vanzelf over. Wel kun je er mee leren leven en je zal er niet altijd evenveel last van hebben. Je kan er ook iets aan doen. Er zijn speciale cursussen die je leren minder angstig te zijn. De arts kan je verwijzen naar een psycholoog voor een behandeling met gedragstherapie. De huisarts of een psychiater kan besluiten geneesmiddelen voor te schrijven. Dit kan per persoon verschillen.

Bron(nen):
  • Trimbos-instituut