maandag, 21 oktober 2019

Goed nieuws over depressie

Sneller ontdekken wat echt helpt

In Nederland lijden jaarlijks 800.000 mensen aan depressie. Van hen zijn er 365.000 voor het eerst depressief. Wat zijn de laatste ontwikkelingen volgens Brenda Penninx van het VUmc?

Prof. dr. Brenda Penninx (44) is hoogleraar psychiatrische epidemiologie bij het VU medisch centrum (VUmc) in Amsterdam. Ook is ze wetenschappelijk directeur en hoofdonderzoeker van de Nederlandse Studie naar Depressie en Angst (NESDA).

Voorspellen in plaats van uitproberen

Brenda Penninx: "We willen erachter komen hoe we een patiënt het best kunnen behandelen: met antidepressiva, psychotherapie of hardlooptherapie. Wat voor de een werkt, werkt voor de ander niet. Nu is het nog een kwestie van uitproberen wat aanslaat. In de toekomst willen we dat beter kunnen inschatten. Dat kan door patiënten onder te verdelen op basis van hun gedrag, persoonlijkheid, biologische factoren. We weten al dat het ‘genetisch profiel’ meebepaalt hoe iemand op antidepressiva reageert. Ook wordt gewerkt aan een bloedtest die kan helpen de diagnose van depressie te stellen, en die mogelijk ook kan voorspellen of een patiënt gebaat is bij een bepaalde therapie." Voordeel voor de patiënt: "Je krijgt sneller een behandeling die echt helpt."

Ontstekingsremmers tegen depressie

Brenda Penninx: "We weten dat een ontregeld immuunsysteem een rol kan spelen bij het ontstaan van depressie. Er is ook steeds meer bewijs dat een chronisch overactief immuunsysteem, zoals bij reuma, ervoor kan zorgen dat patiënten niet echt opknappen van anti­depressiva. Deze patiënten hebben mogelijk ontstekingsremmers nodig om het immuunsysteem tot rust te brengen. Daarom onderzoeken we nu nieuwe middelen die depressie aanpakken via de hersenen én het immuunsysteem.” Voordeel voor de patiënt: “Kan helpen als je niet goed reageert op medicijnen."

Onderzoek naar invloed van voeding

Brenda Penninx: "NESDA gaat onderzoeken of bepaalde voedings­tekorten vaker voorkomen bij depressie: visvetten, vitamine D en andere essentiële vitamines zoals foliumzuur. Hiervoor gaan we een pil ontwikkelen waar al deze stoffen in zitten, en die pil gaan we testen.” Voordeel voor de patiënt: “Mogelijk kunnen we met voeding in de toekomst depressie mede voorkomen of verhelpen."

Bron(nen):