zaterdag, 19 oktober 2019

Heb jij een eetbuistoornis?

Eten tot je niet meer kunt

Ken je het gevoel dat je niet meer kunt stoppen met eten? Gevulde koeken, chocolade, chips, donuts, vla, ijs. Allemaal achter elkaar. Sta je 's nachts op om de koelkast te plunderen? Denk je enkel en alleen aan eten? Dan lijd je misschien aan Binge Eating Disorder (BED), oftewel een eetbuistoornis.

BED is niet hetzelfde als boulimia nervosa. Iemand met boulimia probeert het eten zo snel mogelijk weer kwijt te raken. Bij BED is dit niet het geval. Mensen met een eetbuistoornis komen daardoor vaak vele kilo's aan.

Combinatie van factoren

Anorexia en boulimia nervosa zijn bekender, maar BED komt het vaakst voor. In Nederland zou 1 procent van de bevolking eraan lijden. In Amerika loopt dit getal op naar 2 procent. Bij vrouwen komt het iets meer voor dan bij mannen.

BED ontstaat door een combinatie van factoren. Het kan in je genen zitten, want de erfelijke factor speelt een grote rol. Andere factoren zijn psychologisch. Voorbeelden zijn perfectionisme, onzekerheid, problemen in het gezin of de neiging om gevoelens te onderdrukken (negatieve emoties 'weg eten').

Trauma's, zoals seksueel misbruik of een sterfgeval, kunnen ook bijdragen aan de ontwikkeling van de eetbuistoornis. BED ontstaat vaak in de pubertijd of adolescentie, wanneer jongeren te maken krijgen met veranderingen op verschillende gebieden.

Grote gevolgen

Een eetbuistoornis maakt je verdrietig, beschaamd en misschien ook eenzaam. Zeker wanneer je je gedrag probeert te verbergen. Dat heeft gevolgen voor je sociale contacten.

Omdat je zulke grote hoeveelheden eet, kan je ook last hebben van buikpijn, een uitgezette maag en zelfs scheuren in de maagwand. Bovendien vergroot overgewicht de kans op bijvoorbeeld gewrichtsklachten en hart- en vaatziekten.

Professionele hulp

Er zijn verschillende manieren om BED te behandelen, maar het is erg moeilijk. Daarom zoeken veel mensen professionele hulp. De meest effectieve manier is cognitieve gedragstherapie. Hierbij verander je je eetgewoontes en leer je andere manieren om met moeilijke situaties om te gaan.

'Cue exposure' is een andere aanpak. Er wordt dan een eetbui uitgelokt, maar de patiënt mag niet toegeven aan de behoefte om te eten. Zo wordt de koppeling tussen uitlokker en eetbui verbroken.

De huisarts kan je ook medicijnen voorschrijven, of je doorverwijzen naar een GGZ-instelling in de buurt.