vrijdag, 22 januari 2021

'Slechts twee keer per tien jaar griep'

De meeste mensen doen er alles aan om de griep te voorkomen. Uit Brits onderzoek blijkt nu dat de meeste volwassenen slechts twee keer per tien jaar met de griep te maken krijgen.

"Bij volwassenen is een infectie met de griep veel minder gebruikelijk, dan sommige mensen denken", vertelt onderzoeker Steven Riley van het Imperial College London. Samen met zijn collega's publiceerden hij de resultaten van zijn onderzoek in het tijdschrift PLoS Biology.

30 plus

"Kinderen en tieners krijgen vaker de griep, mogelijk omdat we dan meer met verschillende mensen omgaan", legt Riley uit. "Bij volwassen van 30 jaar en ouder is de frequentie van de infectie sterk afhankelijk van achtergrond en vaccinatie, maar is gemiddeld nog maar twee keer in tien jaar."

De onderzoekers bestudeerden bloedmonsters van vrijwilligers uit Zuid China om te kijken of er antilichamen tegen negen verschillende variaties van griepvirussen aanwezig waren. Deze griepvirussen hebben gecirculeerd in de periode van 1968 tot 2009. Op basis van deze bloedmonsters concludeerden het onderzoeksteam dat kinderen om het jaar te maken krijgen met de griep, maar dat infectie met het griepvirus beduidend minder voorkomt met het ouder worden.

Symptomen

"Er is veel discussie over hoe vaak mensen nu daadwerkelijke griep krijgen", aldus onderzoeker Adam Kucharski. "Daarbij zijn er ook veel aandoeningen die sterk op de griep lijken, maar worden veroorzaakt door iets anders. Veel mensen denken regelmatig dat ze de griep hebben, maar dan worden de klachten veroorzaakt door een verkoudheidsvirus zoals het rhinovirus of het coronavirus."

Aan de andere kant is de griep soms ook milder dan sommige mensen realiseren. Kucharski: "Het komt ook voor dat mensen niet weten dat ze de griep hebben gehad, maar dat uit het bloed wel blijkt dat iemand geïnfecteerd is." Volgens de onderzoekers kan de studie bijdragen aan beter begrip van hoe het immuunsysteem het griepvirus beïnvloedt. Wellicht is in de toekomst dan nog beter te voorspellen hoe het virus verandert en dat is weer gunstig voor het ontwikkelen van vaccins.
 

Bron(nen):
  • WebMD