maandag, 9 december 2019

Help, waar blijft mijn haar?

Wat te doen bij haarverlies?

Veel vrouwen hebben in na hun 40e last van haarverlies. Waardoor komt dat precies en wat is eraan te doen?

De eens zo weelderige haardos te zien veranderen in een dun bosje haar, dat is een bittere pil. Ook als je weet dat je niet de enige bent die met haarverlies kampt. Liefst 40 procent van de vrouwen heeft er last van na hun 40e.

Haaruitval of haarverlies?

Een gezonde haar blijft drie tot zeven jaar zitten. Als de haar na die periode uitvalt, groeit er uit hetzelfde haarzakje weer een nieuwe haar. Gedurende een mensenleven kan elk haarzakje ongeveer twintig keer een nieuwe haar produceren. Daarna sterft het af. Maar voordat het zover is, ben je dus zo'n zestig tot honderd jaar verder. Toch houdt niet iedereen tot z’n honderdste een volle haardos.

Het is heel normaal om dagelijks rond de honderd haren in de borstel te vinden: er is dan sprake van een normale haaruitval. Op het hoofd groeien zo’n 100.000 haren en er is altijd wel een aantal dat aan het eind van zijn levensduur is en dus uitvalt. Pas als het er meer dan honderd zijn, is er reden om je zorgen te gaan maken, want dan spreken we over haarverlies.

Erfelijk dun haar

Haarverlies kan worden veroorzaakt door stress, een slecht werkende schildklier, bepaalde medicijnen, vitamine- en eiwitgebrek. Daarnaast is er ook een erfelijke vorm van haarverlies. Mannen hebben daar vaker last van dan vrouwen, maar het komt dus ook bij vrouwen voor. Bij hen wordt de haardos dan dunner en schijnt de hoofdhuid door. Mannen krijgen een kale kruin en een terugtrekkende haargrens. Bij vrouwen wordt erfelijk haarverlies vaak pas op latere leeftijd zichtbaar. Dit heeft alles te maken met de overgang. De productie van vrouwelijke hormonen (oestrogenen) neemt dan af en het mannelijke hormoon testosteron krijgt – in ieder geval tijdelijk – de overhand. En dát is het probleem.

Testosteron en receptoren

Dit testosteron kan worden omgezet in de stof DHT (dihydrotestosteron) en dat is slecht nieuws voor de haarzakjes. DHT zorgt er namelijk voor dat de haarzakjes minder goed worden doorbloed. Gevolg: de haar leeft maar vier maanden in plaats van drie tot vijf jaar en het haarzakje sterft versneld af. De haarzakjes van sommige mensen hebben veel ‘ontvangers’ voor DHT (DHT-receptoren), iets wat erfelijk is bepaald. Hoe meer DHT-ontvangers, hoe meer last je hebt van haarverlies – uiteindelijk met dun haar of kale plekken tot gevolg.

Dan maar aan de hormonen?

Als de hormoonbalans het probleem is bij vrouwen met erfelijke haaruitval, lijkt de oplossing voor de hand te liggen: herstel de balans door meer oestrogenen toe te voegen. Maar zo simpel is het niet, zegt dr. Harma Stenveld, dermatoloog in het Rijnstate Ziekenhuis in Arnhem. "Aan het slikken van hormoonpreparaten zijn risico’s verbonden. Als je langdurig oestrogenen slikt, wordt het risico op borst- en eierstokkanker groter. Andere mogelijke bijwerkingen zijn hartfalen en trombose." Ze geeft daarom bij voorkeur geen oestrogeenpreparaten die je moet innemen. "Soms schrijf ik wel oestrogenen voor als vloeistof die je op de hoofdhuid kunt smeren. Maar ook dan worden de hormonen opgenomen in het bloed en is er enig de risico." Anti-mannelijke hormonen (cyproteronacetaat) kunnen ook een gunstig effect hebben, maar ook die hebben bijwerkingen. Stenveld: "Ze verhogen onder andere het risico op trombose." Overigens is het resultaat van hormonen niet dat het haarverlies wordt voorkómen, maar dat dit hooguit wordt vertraagd.

En dan zijn er nog medicijnen

Voor mannen met erfelijke haaruitval kunnen medicijnen soelaas bieden, zegt dermatoloog dr. Ids Boersma van haarkliniek Intermedica in Geldermalsen. "Dutasteride en finasteride voorkomen dat testosteron wordt omgezet in DHT, de stof die de levensduur van de haar zo ingrijpend verkort", zegt Boersma. "Geef je DHT geen kans, dan blijven de haren op het hoofd zitten." Deze medicijnen zijn alleen op recept verkrijgbaar, via de huisarts. Helaas zijn ze uitsluitend geregistreerd voor de behandeling van prostaatvergroting (prostaathyperplasie), en ze mogen dus in principe ook alleen dáárvoor worden voorgeschreven. Vrouwen komen dus al helemaal niet aanmerking voor een recept.
 

Bron(nen):

  • Plus Magazine