zaterdag, 14 december 2019

Nachtelijke onrust bij dementie

7 tips

Veel mensen met dementie zijn ‘s nachts onrustig. Ze gaan meerdere keren uit bed en hebben daarna moeite weer in slaap te vallen. Dat is heel zwaar voor mantelzorgers. Probeer deze zeven tips om een einde te maken aan die nachtelijke onrust.

Bij mensen met dementie raakt het slaap-waakritme vaak verstoord. Dit komt door aantasting van het hersengebied waar de biologische klok zit. Ze worden ’s nachts regelmatig wakker (vijf tot acht keer is geen uitzondering) en komen daarna bijna niet meer in slaap. Of ze denken dat het tijd is om op te staan, kleden zich aan, gaan de krant lezen en koffie zetten.

Bang

Wat ook veel voorkomt, is dat mensen met dementie ‘s nachts wakker worden, niet weten waar ze zijn of “enge” geluiden horen. Ze zijn bang en kunnen daardoor niet meer slapen. Op zoek naar veiligheid en geruststelling maken ze hun partner wakker. Of ze bellen hun zoon of dochter als ze alleen wonen.

Ongelofelijk zwaar

Deze nachtelijke onrust kan ongelofelijk zwaar zijn voor jou als mantelzorger. Zorgen voor iemand met dementie kost sowieso al heel veel energie. Als je daarbij ook niet meer genoeg kunt slapen, raak je gemakkelijk uitgeput.

Wat kun je doen?

Logisch dus dat je het probleem graag wilt aanpakken. Maar helaas: een kant-en-klare benadering die voor iedereen werkt, is er niet. Elke persoon met dementie is immers anders. Vaak is het dus even zoeken naar de beste oplossing(en). Onderstaande tips helpen je op weg:

1. Maak duidelijk dat het nacht is

Als mensen met dementie ’s nachts wakker worden, hebben ze vaak geen idee hoe laat het is. Ze staan op omdat ze denken dat het tijd is om aan de dag te beginnen. Het kan helpen om een klok in het zicht te zetten. Ook een donkere slaapkamer helpt je naaste begrijpen dat het nog nacht is. Maar let op: sommige mensen met dementie hebben juist een lampje nodig om zich veilig te voelen.

2. Creëer veiligheid

Mensen met dementie zijn vaak bang als ze ‘s nachts wakker worden. Bijvoorbeeld omdat ze niet weten waar ze zijn. Of omdat ze alleen slapen, terwijl ze dat vroeger altijd met een partner deden. Jij kunt jouw naaste een gevoel van veiligheid geven door foto’s en spullen in de slaapkamer te zetten die hem of haar herinneren aan vroeger.

Jouw naaste kan ook bang zijn door geluiden in huis die hij of zij niet kan verklaren, zelfs als die geluiden er altijd al waren. Misschien slaapt jouw ouder of partner beter als de klok niet meer slaat. Of als het raam ‘s nachts dichtgaat, zodat straatgeluiden zoveel mogelijk buiten blijven.

3. Kom van die bank af

Overdag weinig ondernemen, betekent (vaak) ’s nachts slecht slapen. Het is dus belangrijk dat jouw ouder of partner genoeg activiteiten heeft, zodat hij of zij ‘s nachts echt moe is. Naar buiten gaan, andere mensen zien of bezig zijn met huishoudelijke taken; het helpt allemaal om ‘s nachts beter te slapen.

4. Ga voor décafé

De meeste mensen slapen slechter als ze ’s avonds nog koffie hebben gedronken. Door de cafeïne maakt het lichaam namelijk adrenaline en cortisol aan. Deze stofjes staan erom bekend dat ze het lichaam energie geven. Drinkt jouw ouder of partner in de avond koffie? Vervang die dan door een cafeïnevrije variant.

5. Pak lichamelijke oorzaken aan

Misschien slaapt jouw naaste slecht door pijn, benauwdheid, jeuk, koorts of ─ wat heel veel voorkomt ─ aandrang om te plassen. Mensen met dementie geven uit zichzelf niet altijd goed aan wat er aan de hand is. Vraag er daarom gericht naar: “Heb je pijn?”, “Ben je benauwd?”, “Moet je plassen?” Neem hier rustig de tijd voor. Ga zo nodig met je ouder of partner naar de huisarts.

6. Wijs de weg

Misschien moet jouw naaste ’s nachts inderdaad regelmatig plassen. Zorg dan dat hij of zij de weg naar het toilet gemakkelijk vindt en daarna ook weer terug in bed kan komen. Je kunt hiervoor briefjes, foto’s of pictogrammen op de deuren plakken.

Laat buiten de slaapkamer her en der een lampje branden, maar gebruik geen fel licht. Jouw ouder of partner denkt dan misschien dat het tijd is om op te staan. Soms helpt het om vaste routes in huis opnieuw aan te leren door deze vaak samen met je ouder of partner te lopen.

7. Blijf vriendelijk

Is jouw naaste, ondanks jouw inspanningen, ’s nachts tóch weer aan het spoken? Probeer hem of haar dan met zachte hand terug in bed te krijgen. Makkelijker gezegd dan gedaan natuurlijk als je zelf doodmoe bent. Toch loont het de moeite, want als jouw naaste merkt dat jij boos of geïrriteerd bent, slaapt hij of zij waarschijnlijk helemaal niet meer. En jij ook niet. Vriendelijk en rustig blijven, helpt jullie dus beiden om beter te slapen.

Het Trimbos-Instituut en Alzheimer Nederland hebben een online-videotraining gemaakt over omgaan met veranderend gedrag bij dementie. Bekijk hem via www.dementie.nl/online-training.

Bron(nen):