maandag, 19 oktober 2020

Rabiës, wat is dat?

Een oude ziekte met dodelijke gevolgen

Schuimbekken, verlamming en extreme angst voor vloeistoffen... Een aantal symptomen van hondsdolheid. Maar hoe zit het nu precies met deze ziekte? En hoe groot is de kans dat je het overleeft?
Rabiës – ook wel bekend als hondsdolheid – is een infectieziekte aan de hersenen. Het wordt overdragen op de mens door speeksel van zoogdieren. Als je de ziekte hebt en je krijgt geen behandeling, dan is het bijna altijd dodelijk. In Nederland loop je overigens erg weinig kans om besmet te raken.

Hoe raak je besmet?

Als een besmet dier je bijt, krabt of likt, dan loop je de kans op infectie. Het speeksel waar het virus zich in bevindt dringt het lichaam binnen via een wondje of via het slijmvlies. Je ogen of mond bijvoorbeeld. Als het rabiësvirus in je lichaam zit en in je zenuwstelsel terechtkomt, dan duurt het vaak drie weken tot twee maanden voordat je ziek wordt.
 
In Nederland dragen alleen bepaalde soorten vleermuizen het virus bij zich. In het buitenland loop je een stuk meer risico om besmet te raken en dragen veel meer dieren het virus. Denk hierbij aan honden, katten, vossen, apen en andere zoogdieren. Hondsdolheid komt over bijna de hele wereld voor, behalve in Nieuw-Zeeland, Antarctica, grote delen van Oceanië en Japan.

Wat zijn de symptomen?

Bij besmetting zonder behandeling word je ziek. De symptomen beginnen dan met griepachtige verschijnselen zoals koorts en spierpijn. Daarna kunnen er stuiptrekkingen en/of verlammingsverschijnselen en slik- en ademhalingsproblemen optreden. In een vergevorderd stadium heb je een grote kans om in een coma te raken. Daarbij is de kans ook groot dat je komt te overlijden. Wereldwijd zijn er maar zes gevallen bekend van mensen die de ziekte overleefd hebben zonder behandeling.

Wat doe je bij besmetting?

Als je vermoedt dat je besmet bent, zoek dan meteen medische hulp. Zo kun je voorkomen dat je ziek wordt. Je krijgt dan een preventieve behandeling. Hierbij worden medicijnen gebruikt die voorkomen dat het virus in je zenuwstelsel terecht komt. Deze medicijnen zijn niet in elk land te krijgen en bovendien erg duur. Heb je al symptomen? Dan is een preventieve behandeling niet meer mogelijk. De kans is dan groot dat je overlijdt aan de ziekte.

Hoe word je behandeld?

Een arts zal eerst kijken of je bent geïnfecteerd. Ben je besmet en niet preventief gevaccineerd? Dan onderga je de behandeling. Deze bestaat uit een serie van vijf inentingen. Je krijgt ze volgens een vast schema. Op dag nul, drie, zeven, veertien en 28. Soms krijg je aanvullend een injectie met antistoffen. Twee tot 21 dagen na de behandeling kun je last krijgen van bijwerkingen als huiduitslag, gewrichtspijn, koorts, misselijkheid en/of onwel worden.
 
Het kan ook zijn dat je wel preventief gevaccineerd bent tegen rabiës en besmet bent geraakt. Je hoeft dan de behandeling met vijf inentingen niet te ondergaan, maar krijgt ondanks de preventieve inenting nog wel twee aanvullende inentingen.

Hoe voorkom je besmetting?

Voorkomen is beter dan genezen. Ook al lijken die donzige katjes, blaffende hondjes en aapjes met kleine handjes nog zo schattig: raak dieren in het buitenland niet aan. Aai ze niet en voer ze niet. Raak ook geen dode dieren aan. Je kan nog steeds besmet worden. Kleine kinderen willen nog wel eens ondoordacht dieren aaien. Let er op dat ook zij er van afblijven.
 
In Nederland draagt een klein aantal vleermuizen het virus bij zich. Raak een vleermuis dan ook nooit met blote handen aan.
Bron(nen):