vrijdag, 4 december 2020

Botontkalking bij prostaatkanker? Voeding en beweging kunnen helpen

3 tips om de kans op botontkalking te verkleinen

Bij prostaatkanker neemt de kans op botontkalking toe. Dit kan komen door de ziekte zelf, maar ook door de behandeling. Door middel van je voeding en beweging kun je de kans op botontkalking verkleinen. Het Wereld Kanker Onderzoek Fonds legt uit hoe.

Wat is botontkalking?

Onze botten worden continu afgebroken en weer opgebouwd. Als je ouder wordt, verandert het evenwicht tussen botopbouw en -afbraak. Er wordt meer bot afgebroken dan aangemaakt, waardoor je botten zwakker worden. Dit is normaal bij veroudering. Wanneer er meer botverlies is dan je normaal zou verwachten op een bepaalde leeftijd spreken we van botontkalking, ook wel osteoporose genoemd. Het gevolg is dat je botten langzaam brozer worden, waardoor de kans op botbreuken toeneemt.

Wat kun je doen tegen botontkalking?

Wanneer botontkalking ontstaat door ziekte of behandeling zijn meestal medicijnen nodig om het botverlies te beperken. Deze medicijnen heten bisfosfonaten en remmen botafbrekende cellen waardoor botverlies wordt verminderd. De behandelend arts schrijft deze medicijnen voor.

Om je te helpen botontkalking te beperken geven we je drie tips.

1. Eet producten met veel calcium

Calcium is een van de belangrijkste bouwstoffen voor je botten. Ook is calcium nodig voor een goede werking van je spieren. Wanneer je te weinig calcium binnenkrijgt, gaat het lichaam calcium uit je botten halen. Je spieren krijgen namelijk voorrang. Om botontkalking te beperken is het dus belangrijk om genoeg calcium binnen te krijgen.

In zuivelproducten, zoals kaas, melk en yoghurt, zit veel calcium. Met twee tot drie porties melk, yoghurt of kwark (totaal 550 gram) en twee plakken kaas (totaal 40 gram) per dag kom je aan de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid calcium (1000-1200 mg/dag). Ook groene groenten, noten en peulvruchten bevatten calcium, maar wel minder dan zuivel. Daarnaast wordt er soms calcium toegevoegd aan plantaardige dranken, zoals sojamelk of amandelmelk.

2. Zorg voor voldoende vitamine D

De hoeveelheid calcium die wordt opgenomen door ons lichaam is sterk afhankelijk van vitamine D. Deze vitamine zorgt dat botweefsel calcium uit je bloed kan opnemen en stimuleert de opname van calcium uit je voeding in je darmen.

Via ons eten krijgen we ongeveer een derde van de hoeveelheid vitamine D binnen die we nodig hebben. Vooral vette vis, zoals haring en zalm, bevat veel vitamine D. Ook in eieren en volle zuivelproducten zit een beetje vitamine D. In Nederland wordt daarnaast aan (vloeibare) margarine en halvarine vitamine D toegevoegd.

De meeste vitamine D maken we aan in onze huid onder invloed van de zon. Elke dag 15-30 minuten in de zon, met hoofd en handen onbedekt, is al voldoende. Wel is het belangrijk om de felle zon en een langdurige blootstelling te vermijden. Ook is het heel belangrijk om je goed in te smeren om je huid te beschermen tegen zonverbranding.

Sommige mensen hebben meer vitamine D nodig dan ze uit zonlicht en hun voeding kunnen halen. Zo is het voor onder andere vrouwen ouder dan 50 jaar en mannen ouder dan 70 jaar aanbevolen om vitamine D-supplementen te gebruiken.

3. Kom in beweging

Zorgen voor genoeg calcium en vitamine D is niet voldoende om botontkalking tegen te gaan. Voor sterke botten is het namelijk belangrijk om je botten te belasten. Dit kun je doen door elke dag te bewegen, zoals een wandeling maken of het huishouden doen. Fietsen en zwemmen belasten de botten te weinig.

Dit artikel is tot stand gekomen met medewerking van het Wereld Kanker Onderzoek Fonds. Het Wereld Kanker is al meer dan 25 jaar de autoriteit in Nederland op het gebied van voeding, lichaamsbeweging, lichaamsgewicht en kanker. Er zijn geen garanties tegen kanker, maar door gezond te eten en te leven kunnen we de kans op kanker wel verkleinen.