zondag, 19 september 2021

Obesitaschirurgie vermindert ook diabetes

Sommige obesitaspatiënten ondergaan chirurgische ingrepen, waarna ze vaak vitamine- en mineralentekorten ontwikkelen. Onderzoeker Edo Aarts van het Radboudumc ontwikkelde een pil die deze tekorten tegen gaat. Ook zag hij dat enkele door overgewicht veroorzaakte ziekten door een combinatie van opereren en leefstijlaanpassingen kunnen verdwijnen.

Edo Aarts onderzocht de resultaten van bariatrische chirurgie: ingrijpende en risicovolle behandelingen tegen obesitas, waarvan een maagband en maagomleiding de meest bekende zijn. De meest voorkomende complicaties van bariatrische chirurgie zijn een vitamine- en mineralentekort. Dat komt omdat patiënten met obesitas vaak al ondervoed zijn, doordat ze ongezond eten. En na de operatie neemt hun lichaam vitaminen en mineralen minder goed op.

Bloedarmoede

Aarts ontdekte dat een groot deel van de patiënten al in het eerste jaar na de operatie last heeft van bloedarmoede. Aarts: "Patiënten met een buismaag, waarvan gedacht werd dat dit het aantal tekorten zou verminderen, hadden bijvoorbeeld vaak een tekort aan ijzer, vitamine B12 en vitamine D." Daarnaast zag hij bij veel patiënten een te hoge concentratie aan vitamine A en B6. "Dat laatste komt waarschijnlijk door het gebruik van standaard multivitaminen."

Om het vitaminetekort tegen te gaan, ontwikkelde Aarts een optimale multivitaminepil met minder vitamine A en B6 en onder andere meer ijzer en vitamine B12 en D. "In Europa gebruiken 40.000 patiënten het al." Uit zijn onderzoek blijkt dat deze pil na een jaar de belangrijkste tekorten aan ijzer, vitamine B12 en foliumzuur bijna volledig opheft.

Diabetes verdwijnt

Ook onderzocht Aarts wat de invloed van een chirurgische ingreep is op door overgewicht veroorzaakte ziekten, zoals te weinig aanmaak van geslachtshormonen, leververvetting en diabetes type 2. Hij concludeert dat diabetes door een combinatie van opereren en leefstijlaanpassingen kan verdwijnen. Ook de aanmaak van geslachtshormonen wordt bij een groot deel van de patiënten weer normaal. 

Edo Aarts promoveert op 9 mei 2014 op zijn onderzoek.
 

Bron(nen):