vrijdag, 25 september 2020

5 vragen over de paniekstoornis

Overvallen door angst of onbehagen

Een bonzend hart, zweten, benauwdheid, denken dat je gek wordt of de controle verliest: dit kunnen symptomen zijn van een paniekaanval. Heb je regelmatig last van zo'n onverwachte golf van angst of onbehagen, dan zou er sprake kunnen zijn van een paniekstoornis.

1. Wat is een paniekstoornis?

Een paniekstoornis is een vorm van een angststoornis. Iemand met deze stoornis wordt regelmatig onverwacht overvallen door paniekaanvallen. Hij of zij ervaart dan een intense angst of een intens gevoel van onbehagen. Tijdens zo’n paniekaanval kan iemand bijvoorbeeld het gevoel krijgen de controle te verliezen, gek te worden of dood te gaan.

2. Wat zijn de symptomen van zo’n paniekaanval?

Allereerst: alleen een deskundige, zoals een psychiater of psycholoog, kan de diagnose ‘paniekstoornis’ stellen. Wanneer iemand een keer een paniekaanval doormaakt, betekent dat niet direct dat hij of zij een paniekstoornis heeft. Iemand met een paniekstoornis heeft verschillende symptomen. Zo kan  iemand met een paniekstoornis (minstens een maand lang na een doorgemaakte paniekaanval) steeds bezorgd zijn over het krijgen van nieuwe paniekaanvallen of onbekende situaties vermijden. Iemand met een paniekstoornis ervaart terugkerende, onverwachte paniekaanvallen.

Het is belangrijk in de gaten te houden of paniekaanvallen niet worden veroorzaakt door het gebruik van drugs of medicatie, door een lichamelijke aandoening (zoals hart- en vaatziekten) of een andere psychische aandoening. Dan is er wellicht geen sprake van een paniekstoornis, maar is er iets anders aan de hand.

3. Hoe ontstaat een paniekstoornis?

Hieronder staat een aantal oorzaken genoemd, maar niet alle.

Biologisch
Er wordt aangenomen dat meerdere genen een rol spelen. Het is (nog) niet bekend hoe dit precies zit. Nakomelingen van mensen met een angststoornis, depressie of bipolaire stoornis hebben een verhoogd risico op het ontwikkelen van een paniekstoornis. Ook met ademhalingsstoornissen als astma is er een verband.

Omgeving
Roken vormt een risicofactor voor paniekaanvallen en een paniekstoornis. De meeste mensen geven verder aan dat er stressvolle gebeurtenissen plaatsvonden tijdens de maanden vóór hun eerste paniekaanval (zoals ziekte of overlijden van een naaste of negatieve ervaringen met drugs of geneesmiddelen). Bij mensen met een paniekstoornis is ook vaker sprake van misbruik en/of mishandeling in de kinderjaren dan bij andere angststoornissen.

4. Hoeveel mensen in Nederland hebben een paniekstoornis?

In Nederland heeft naar schatting 2 tot 3 procent van de bevolking een paniekstoornis. Deze komt ongeveer twee keer zo vaak voor bij vrouwen dan bij mannen.

5. Wat zijn mogelijke behandelingen?

Mensen met een paniekstoornis kunnen baat hebben bij zelfhulp en online hulp, vooral onder (minimale) begeleiding. Ook ‘exposure in vivo’ (blootstelling aan de angst, onder begeleiding van een behandelaar) wordt toegepast bij mensen met een paniekstoornis. Hierdoor leert iemand gevreesde situaties niet langer meer te vermijden, waardoor de angstgevoelens afnemen.

Ook psychologische paniekmanagement, waarin de persoon onder andere vaardigheden aangeleerd krijgt om met de paniek om te gaan, is een van de mogelijkheden; evenals medicatie zoals antidepressiva. Uitgebreidere informatie over behandelingen vind je hier.