donderdag, 14 november 2019

Zoetstof HFCS: Amerikaanse dikmaker

Glucosefructosestroop in Nederland

De Amerikaanse zoetstof HFCS lijkt ook in ons land aan een opmars begonnen. Hoewel HFCS, oftewel glucosefructosesiroop, uit mais gemaakt wordt, betekent dit niet dat je van deze natuurlijke zoetstof onbeperkt kunt snoepen. Hoe zit het met deze 'corn syrup'?

Hij heette Earl Butz, hij was minister van landbouw onder Richard Nixon en Gerald Ford en hij bedacht een briljant plan dat veel verder strekkende gevolgen zou hebben dan hij zelf had kunnen vermoeden: hij propageerde een intensieve teelt van maïs als steunpilaar voor de Amerikaanse boeren, compleet met subsidieprogramma.

De explosie van de maïsteelt in de VS kwam net op het moment dat de Japanner Yoshiyuki Takasaki een procedé vervolmaakte waarmee maïs middels een enzymbehandeling kon worden verwerkt tot een buitengewoon krachtige zoetstof, die in de VS bekend zou worden als High Fructose Corn Syrup, afgekort HFCS. In Nederland is het beter bekend onder de naam glucosefructosestroop, oftewel maisstroop. Een ideale situatie: nu was er zelfs als de maïsmarkt verzadigd raakte altijd een bestemming voor het graanproduct. HFCS is immers vrijwel onbeperkt houdbaar.

Het juiste product in de juiste tijd

We schrijven de vroege jaren '70 en de studies van Ancel Keys werden steeds breder gedragen. Keys was de arts en onderzoeker die in de jaren '50 een grote kwantitatieve studie had gedaan naar het verband tussen het gebruik van verzadigde vetten en het voorkomen van hart- en vaatziekten.

Hoewel Keys'onderzoeksresultaten inmiddels bloot staan aan toenemende kritiek (hij zou onder andere selectief hebben geshopt in zijn onderzoeksresultaten om tot zijn conclusie te kunnen komen), waren de late jaren '70 de tijd dat Amerikaanse overheidsinstanties grootschalige programma's startten om het gebruik van verzadigd vet te ontmoedigen.

Een kwestie van smaak

Dit gaf de voedingsindustrie een probleem: wanneer de hoeveelheid verzadigd vet in producten drastisch werd verminderd, liep de smaak navenant terug. Er bleek een goede reden te zijn voor het eten van vet: het is gewoon lekker. Maar hier vielen de puzzelstukjes wonderwel in elkaar. De zojuist ontwikkelde zoetstof HFCS, waarvan dank zij de het programma van Butz een bijna onbeperkte hoeveelheid tegen lage kosten beschikbaar was, bleek een uitstekende vervanger. Bovendien was HFCS geheel onverdacht. Was HFCS immers geen geheel natuurlijk product? Dat kon dus niet fout zijn!

Fructose vs. glucose

HFCS heet zo omdat de zoetkracht voor een groot gedeelte door fructose wordt geleverd. Fructose is circa 1,7 maal zoeter dan glucose (hoewel beide de chemische formule C6H12O6 hebben, vertonen ze een afwijkende molecuulstructuur waarbij die van fructose op moleculair niveau beter aansluit op de smaakpapil), maar bovendien versterkten glucose en fructose onderling elkaars zoetkracht. In tegenstelling tot sacharose (tafelsuiker) worden zowel glucose als fructose rechtstreeks in de bloedsomloop opgenomen.

Natuurlijk?

De mens is in feite niet gemaakt voor de toediening van grote hoeveelheden fructose. Hoewel we evolutionair zijn toegerust om fruit te eten, bevat fruit lang niet zo veel fructose als de meeste mensen denken. Druiven bevatten ca. 8 procent en voeren daarmee riant de lijst aan. Een ananas bevat bijvoorbeeld maar circa 2 procent fructose.

Fructose is dus weliswaar een natuurlijke stof, maar een overmaat aan fructose past daarmee nog niet per definitie in een natuurlijk eetpatroon. Er zijn toenemende vermoedens dat het bombardement aan fructose waaraan we onszelf met ons bewerkte voedsel blootstellen ons organisme in de war maakt. Steeds meer wetenschappers leggen een verband tussen HFCS en metabool syndroom.

HFCS daar en hier

Hoe is het nu in Nederland gesteld met de toevoeging van HFCS? Het is zeker een feit dat ook de voedselindustrie in Europa ontdekt heeft dat de maïsstroop een goedkope oplossing is om 'ontvette' producten smaak te geven. In Nederland zit HFCS, oftewel glucosefructosestroop in ieder geval in een aantal koeken, zoals 'roze koeken' en mergpijpjes. Toch is de verwerking ervan bij ons minder gemeengoed dan aan de andere kant van de oceaan, waar zelfs nauwelijks brood te krijgen is waar geen HFCS (immers ook een goed conserveermiddel) in is verwerkt.

Er is nog een verschil: in de VS wordt overwegend de vorm HFCS 90 gebruikt, een variant met 90 procent fructose. In Nederland zijn de varianten HFCS 55 en HFCS 42 met respectievelijk 55 en 42 procent fructose couranter. HFCS bevat in Nederland (en de rest van Europa) niet meer fructose dan glucose. Dit betekent dat het vergelijkbaar is met 'gewone' suiker.

Dat maakt HFCS in Nederland dus tot een wat minder ongezonde toevoeging dan in de VS. Desondanks is het een stofje om goed op te letten: net als andere suikers voegt het immers weinig of niets toe aan een gezond voedingspatroon.