woensdag, 30 september 2020

5 vragen over dwangstoornis

Steeds terugkerende gedachten en handelingen

Van alle volwassen Nederlanders heeft bijna 1 procent ooit in het leven een dwangstoornis gehad, in de volksmond ook wel 'dwangneurose' genoemd. Wat is het precies en hoe kom je er vanaf? Vijf vragen over dwangstoornissen.

1. Wat is een dwangstoornis precies?

Iemand met een dwangstoornis (de officiële naam is obsessieve-compulsieve stoornis) heeft veel last van dwanggedachten en/of dwanghandelingen. Deze gedachten en/of handelingen nemen veel tijd in beslag en zorgen voor serieuze problemen in het dagelijks leven.

2. Wat houden die gedachten of handelingen in?

Dwanggedachten zijn steeds terugkerende gedachten, neigingen of beelden die door degene die ze heeft als misplaatst of opdringerig worden beleefd.

Dwanghandelingen zijn regels of handelingen die iemand voor zijn of haar gevoel keer op keer moet uitvoeren. Voorbeelden hiervan zijn tellen of controleren, of dingen op een symmetrische manier rangschikken. Een dwanghandeling wordt vaak uitgevoerd als reactie op een dwanggedachte.

3. Waarom doen mensen dat?

Aan een dwangstoornis ligt angst ten grondslag. Het is niet mogelijk te voorspellen wie een dwangstoornis zal krijgen. Er is niet een oorzaak aan te wijzen, maar er zijn wel diverse risicofactoren. Een dwangstoornis ontstaat meestal door een combinatie van lichamelijke oorzaken, wat mensen meemaken in hun leven en persoonlijke eigenschappen.

Een voorbeeld van een dwanggedachte: "Als ik een fout maak (het gas niet goed uitdraai), dan brandt het hele huis af (en dat is dan mijn schuld)". Vervolgens kan de persoon met een dwangstoornis gedurende lange tijd blijven controleren of het gas nu wel écht uit is. Mensen met een dwangstoornis vertrouwen slecht op hun geheugen. Hierdoor zijn ze geneigd te blijven controleren. Echter, herhaaldelijk controleren zorgt er niet voor dat het vertrouwen in het eigen geheugen toeneemt. Integendeel: dit vertrouwen neemt hierdoor juist af.

4. Kunnen mensen met een dwangstoornis niet gewoon stoppen met hun dwanggedrag?

Nee, dat is niet zomaar mogelijk. En als dat zou kunnen, dan zouden de meeste mensen met een dwangstoornis dit ook wel doen. Als het dagelijks leven zo belemmerd wordt door de gedachten en/of handelingen is het belangrijk om hulp in te schakelen van een professionele hulpverlener. Die kan helpen de gedachten en/of handelingen te doen afnemen.

5. Is behandeling mogelijk?

Behandeling is mogelijk, maar houdt niet in dat de dwangstoornis altijd overgaat. Een dwangstoornis is vaak chronisch. De gedachten en handelingen kunnen echter wel verminderen bij behandeling door een psycholoog of psychiater en/of bij behandeling met medicijnen. Ook kunnen hierdoor de angsten waarmee dwanggedachten gepaard gaan verminderen en treedt er minder vermijdingsgedrag op.

Bij psychologische behandeling is het belangrijk om juist datgene op te zoeken waar degene met een dwangstoornis bang voor is (exposure). Het is daarnaast van belang dat de persoon geen dwanghandelingen uitvoert (responspreventie). Hij of zij laat dus de angsten toe en probeert deze niet te onderdrukken. In feite wordt ervoor gezorgd dat de persoon met een dwangstoornis zijn of haar angsten leert accepteren en verdragen in plaats van dat hij/zij deze wegdrukt of vermijdt.

Op de website van Fonds Psychische Gezondheid zijn meer tips en informatie te vinden voor mensen met dwangproblemen. Ook kun je testen of je kenmerken bij jezelf herkent die kunnen wijzen op een dwangstoornis: www.psychischegezondheid.nl/dwang.