zaterdag, 29 januari 2022

Is blaasspoelen zinvol bij een blaasontsteking?

"Veel mensen kunnen wel wat plastraining gebruiken"

Goede vraag! In deze rubriek gaat Gezondheidsnet op zoek naar het antwoord op knagende vragen. Deze keer: is blaasspoelen zinvol bij een blaasontsteking?

Het korte antwoord is: ja, dat kan zinvol zijn. Maar niet altijd. We vroegen uroloog Dick Janssen van hoe het zit. Hij is gespecialiseerd in terugkerende blaasontstekingen en werkzaam bij Radboudumc en Andros Clinics Blaascentrum (een gespecialiseerde kliniek voor complexe blaasproblemen).

Steeds weer een blaasontsteking?

Heb je vaak last van een blaasontsteking en wil je er vanaf? Doe dan de BLAAStest op stopblaasontsteking.nl en ontvang een persoonlijk advies. Er is meer aan te doen dan je denkt.

Kijk kritisch naar je plasgedrag

Een blaasontsteking is niet alleen pijnlijk en vervelend, het heeft ook enorme impact op je sociale leven, zeker als het terugkerende blaasontstekingen (recidiverende cystitis) betreft. De eerste stap bij blaasontsteking is in ieder geval die naar de huisarts, waarna je eventueel wordt doorverwezen naar een specialist. Maar zeker in die eerstelijnszorg is volgens Janssen al veel winst te behalen: "We merken dat veel mensen wel wat plastraining zouden kunnen gebruiken. We zijn geneigd bij blaasontsteking 'even een antibioticakuurtje te halen', terwijl een blaasontsteking in veel gevallen te voorkomen is door kritisch naar je plasgedrag te kijken en eventueel wat leefstijlaanpassingen te doen.  Zo is het echt ontzettend belangrijk om goed leeg te plassen. Plas die achterblijft in je blaas geeft namelijk een grote kans op blaasontstekingen.  En voel je een blaasontsteking aankomen, dan is het vaak nog mogelijk deze weg te drinken. Normaliter is 1.5 – 2 liter vocht voldoende, maar bij een beginnende blaasontsteking is meer beter.  Zorg dat je 2 tot 2.5 liter vocht binnenkrijgt, dan is er grote kans dat de ontsteking niet doorzet. Daarbij is het belangrijk dat je het drinken goed verdeelt over de dag. Wanneer je regelmatig plast, spoel je bacteriën naar buiten. Bij de helft van de vrouwen gaat blaasontsteking sowieso binnen 1 week vanzelf over. Als je weinig klachten hebt, kun je dus best een pijnstiller nemen en een weekje afwachten."

Vaker urine op kweek

Aan de andere kant ziet Janssen dat huisartsen vaak wel erg conservatief doorverwijzen. "Als mannen er last van hebben, wordt dat als een gecompliceerde blaasontsteking gezien en krijgen ze een verwijzing. Bij vrouwen met een blaasontsteking is het nog te vaak een beetje pappen en nathouden met antibiotica. Huisartsen zouden veel vaker de urine op kweek moeten zetten. Door de urine op kweek te zetten, kun je zien of er ziekmakende bacteriën in de urine zitten, in welke hoeveelheid deze in de urine zitten en voor welke antibiotica deze bacteriën gevoelig zijn. Dan kan er dus veel gerichter worden voorgeschreven. Daarnaast kan door flink doorvragen al duidelijk worden of iemand moet worden doorverwezen naar de specialist; zeker als die specifieke antibiotica toch hun werk niet blijken te doen."

Terugkerende blaasontstekingen

Janssen ziet in zijn praktijk veel vrouwen met terugkerende blaasontstekingen. Sommige vrouwen hebben ze zelfs zo vaak dat hun leven er totaal door wordt ontwricht. Officieel spreek je van terugkerende blaasontstekingen als je drie keer per jaar of vaker een blaasontsteking hebt. Janssen ziet in de praktijk soms zelfs vrouwen die iedere maand of vaker een blaasontsteking hebben: "Zij zijn al heel erg opgelucht als we het kunnen terugbrengen naar drie keer per jaar. Blaasontstekingen hebben een enorme invloed op het dagelijks leven en het seksueel contact met de partner. Het is echt een onderschat probleem, waar veel meer aan te doen is dan men denkt."

Verschillende oorzaken

Aan die terugkerende blaasontstekingen kunnen verschillende oorzaken ten grondslag liggen. "Dat maakt het soms ook lastig behandelbaar, daarom proberen we eerst heel goed uit te zoeken waardoor die ontstekingen steeds terugkomen. Heeft het te maken met niet goed leegplassen? Heeft iemand blaasstenen, diabetes of een auto-immuunziekte? Is iemand in de overgang geweest, waardoor de slijmvliezen in de blaas dunner en droger zijn geworden? Is er sprake van antibiotica-resistentie? Wanneer we de oorzaak kunnen achterhalen, kunnen we de behandeling veel beter afstemmen op de patiënt."

Zoals gezegd is niet goed leegplassen dus een risicofactor voor terugkerende blaasontstekingen. Dan kan het al helpen om de volgende toiletregels in acht te nemen:

Ontspannen plassen doe je zó

•    Bij aandrang het plassen niet uitstellen.
•    Ga rustig op de wc zitten. Zorg ervoor dat je voeten plat op de grond staan, gebruik eventueel een krukje.
•    Ga met je billen helemaal op de wc zitten en niet op het puntje.
•    Doe je broek en onderbroek tot de enkels omlaag zodat je benen een beetje uit elkaar kunnen.
•    Neem de tijd.
•    Let op dat je niet perst tijdens het plassen. Je buik moet slap zijn. Dit lukt het best wanneer je tijdens het plassen zachtjes neuriet of uitblaast.
•    Als je klaar bent met urineren, blijf dan nog 10 seconden rustig zitten, want er kan nog wat plas komen.

Plassen na de seks en op de juiste manier vegen

Omdat blaasontsteking veroorzaakt worden door bacteriën tipt Janssen verder nog: "Veeg na toiletbezoek van voren naar achteren af. Hiermee voorkom je dat bacteriën uit de ontlasting bij de urinebuis kunnen komen. Daarnaast is het verstandig om na de seks meteen te gaan plassen. Hiermee worden bacteriën weggespoeld die rond en in de urinebuis zijn gekomen."

Toch is niet voldoende ontspannen plassen niet altijd de reden waardoor er een bodempje urine in de blaas achterblijft. "Ook darmstoornissen kunnen een rol spelen, dan kan door de verstopping niet meer goed leeg geplast worden. In dat geval is het zaak de leefstijl goed onder de loep te nemen, want darmproblemen kunnen veelal verminderd worden door meer te drinken, meer vezels te eten en meer te bewegen. Dat gaat ook vaak diarree tegen; ook al een risicofactor voor blaasontsteking."
Voor dat soort leefstijladvies werkt Janssen indien nodig samen met een diëtist. Sowieso werkt hij graag met een multidisciplinair team. Zo wordt het eerste onderzoek bij terugkerende blaasontstekingen vaak samen met een bekkenfysiotherapeut gedaan en wordt er ook regelmatig een continentieverpleegkundige, MLD-arts, gynaecoloog of seksuoloog ingeschakeld. Een gynaecoloog kan bijvoorbeeld lokale hormonen voorschrijven als iemand door de overgang last heeft van blaasontsteking. Ook verzakkingen maken leegplassen moeilijker en dat kan ook door een gynaecoloog behandeld worden.

En die blaasspoelingen dan?

Om de blaaswand weerbaarder te maken tegen bacteriën, worden er bij terugkerende blaasontstekingen ook regelmatig blaasspoelingen met GAG moleculen (GAG therapie) voorgeschreven. Janssen: "Dit is bijvoorbeeld het geval wanneer na een blaasscopie geconstateerd is dat de coating van de blaas – het slijmvlies – dunner is geworden of beschadigd is. Door de blaas te spoelen met lichaamseigen GAG moleculen, wordt het slijmvlies gerepareerd en krijgen bacteriën minder kans zich te hechten en een ontsteking te veroorzaken."

In principe gaat het dan om een traject van 6 weken waarin wekelijks een blaasspoeling wordt gegeven, waarna overgegaan wordt op maandelijkse spoelingen. Na een week of 8 wordt dan gekeken of de coating van de blaas zich hersteld heeft. Soms kan het behandeltraject daarna gestopt worden. In andere gevallen zijn de maandelijkse spoelingen een blijvertje. Indien dat onvoldoende werkt kan er ook een blaasspoeling met een vloeibaar antibioticum worden toegepast.  

Janssen: "Voor deze blaasspoelingen is het nodig om een katheter in te brengen. Dat kan de continentieverpleegkundige doen, maar we zien dat mensen die langduriger blaasspoelingen toepassen ook vaak zelf katheteriseren. Als je eenmaal weet hoe dat moet en hoe het voelt, is dat relatief simpel en geeft dat natuurlijk een enorme vrijheid. Alleen ouderen en andere mensen die minder flexibel zijn hebben daar soms wat moeite mee, en mensen met overgewicht.  Lukt het niet om het zelf te doen, dan kan de wijkverpleging je er vaak ook bij helpen."