donderdag, 24 juni 2021

5 vragen over het coronavaccin en bloedverdunners

Vaccineren en antistollingsmiddelen

Zo'n 2 miljoen Nederlanders gebruiken antistollingsmiddelen, ook wel bloedverdunners genoemd. Deze medicijnen - in officiële termen anticoagulantia - verminderen of vertragen de stolling van het bloed, zodat er geen bloedklonters of ongewenste bloedingen ontstaan. Onder de gebruikers leven veel vragen over hun geneesmiddel en de coronavaccins. We lichten er vijf uit.

1. Zijn antistollingsmedicijnen gevaarlijk bij het coronavaccin?

Mensen die bloedverdunners slikken, kunnen veilig worden ingeënt tegen COVID-19. Elk goedgekeurd vaccin is op tienduizenden mensen getest, waaronder ook ouderen en hart- en vaatpatiënten. Ook voor hen bleek het vaccin veilig te zijn en goed te werken. Wel wordt er kritisch gekeken welk vaccin aan wie wordt gegeven, omdat sommige vaccins minder goed werken bij ouderen. Wanneer je een hart- of vaatziekte hebt, is het krijgen het vaccin extra belangrijk, omdat je meer kans hebt om ernstig ziek te worden van het coronavirus.

Er is wel een kleine kanttekening: zowel het BioNtech/Pfizer-vaccin als het Moderna-vaccin en het onlangs goedgekeurde 'Oxfordvaccin' van AstraZeneca worden intramusculair gezet, oftewel: ze worden gegeven in een spier in de bovenarm. Dit kan bij iedereen leiden tot een bloeding of blauwe plek. Gebruik je bloedverdunners dan is het risico wat groter op een bloeding in de spier op de prikplek. Je kunt gewoon geprikt worden, maar vertel het wel van te voren aan je behandelend arts én vertel op het moment van de vaccinatie aan de zorgverlener die je prikt, dat je bloedverdunners gebruikt. Zij kunnen helpen het risico zo laag mogelijk te houden, bijvoorbeeld door op een andere plek of op een ander moment van de dag te prikken. Ook kan je dosis van de bloedverdunner tijdelijk uitgesteld of verlaagd worden.

2. Hoe zit het met bloedverdunners als acetylsalicylzuur of clopidogrel?

Je hebt bij gebruik van bloedverdunners iets meer kans op een bloeding op de prikplek. Daarom moet de prikplek na afloop 2 minuten stevig worden dichtgedrukt. Dit geldt bijvoorbeeld voor mensen die acetylsalicylzuur, carbasalaatcalcium, Dypyridamol (Persantin) of clopidogrel (Plavix) slikken.

3. Ik slik Vitamine K-antagonisten en loop daarvoor bij de Trombosedienst. Kan ik gewoon gevaccineerd worden?

Zoals eerder gezegd, zorgen bloedverdunners dat het bloed niet te snel en ook niet te langzaam stolt. De waarde waarbinnen deze stollingsuitslagen moeten liggen worden de streefwaarden genoemd en worden uitgedrukt in INR (International Normalized Ratio). Bij het gebruik van coumarinederivaten, zoals acenocoumarol of fenprocoumon (ook wel Vit.K-antagonisten of VKA's genoemd), moet je INR binnen de streefwaarden of lager liggen om de vaccinatie te kunnen krijgen. Neem als je deze slikt, contact op met de trombosedienst. Indien nodig zal je doseerschema dan worden aangepast op de vaccinatie.

4. Hoe zit het met de nieuwe orale anticoagulantia (NOAC’s of DOAC's)?

Sinds 2016 zijn er vier nieuwe antistollingsmiddelen – nieuwe orale anticoagulantia (NOAC’s) – beschikbaar, ook wel bekend onder direct werkende orale anticoagulantia (DOAC). Gebruik je direct werkende antistollingsmedicatie (DOAC), dan is de timing van de vaccinatie in relatie tot de inname van de medicatie van belang, omdat 3-4 uur na inname van de medicatie de piekspiegel bereikt wordt. Dit betekent in de praktijk dat er bij een eenmaal daagse inname van DOAC's zoals rivaroxaban of edoxaban bij voorkeur minimaal 12 uur aangehouden wordt tussen de laatste inname van de DOAC-tablet en het moment van vaccineren. Bij een tweemaal daagse inname van DOAC's, zoals apixaban of dabigatran, heeft het de voorkeur om vlak voor inname van de volgende tablet te vaccineren. Indien dit praktisch niet haalbaar is, heeft het de voorkeur om het vaccin minimaal 4 uur na laatste inname toe te dienen. Na de vaccinatie zal de injectieplek bij mensen die DOAC's slikken altijd enige minuten stevig worden afgedrukt zonder te wrijven. Als je naast een DOAC nog een ander antistollingsmiddel gebruikt, overleg dan met je arts.

5. Kun je gevaccineerd worden als je een stollingsziekte hebt?

Neem ook contact met je arts op als je een ziekte hebt waardoor je bloed minder goed stolt, zoals de ziekte van Von Willebrand, hemofilie, immuun trombocytopenie (ITP) of trombotische trombocytopenische purpura (TTP). Bij Factor-V-Leiden kun je gewoon gevaccineerd worden.

In alle gevallen geldt: als je behandelaar intramusculair vaccineren afraadt, kan je niet gevaccineerd worden met het COVID-19-vaccin. Maar de verwachting is dat dat niet veel zal voorkomen.

Eerder beantwoorde lezersvragen over het coronavaccin vind je op onderstaande pagina's:

David Smeekes, arts bij de Hartstichting, geeft in onderstaande video antwoord op de meest gestelde vragen over het coronavaccin bij hart- en vaatziekten:

In dit artikel vertellen we je wat we nu weten over vaccineren en bloedverdunners, De informatie over corona verandert echter voortdurend. De meest actuele informatie vind je op de site van de Hartstichting en de website van de Rijksoverheid.