woensdag, 21 augustus 2019

Wanneer is je bloeddruk te hoog?

8 vragen over een hoge bloeddruk

Als de druk in cv-leidingen te hoog wordt, geeft de ketel een melding. Maar het leidingstelsel in ons lichaam geeft pas klachten als het veel te laat is. Hoe weet je of je bloeddruk nog gezond is? Merk je daar iets van?

1. Wat is bloeddruk precies?

Onze bloedsomloop is een soort kunstwerk. Gemiddeld hebben we zo’n 5 liter bloed, dat via het stelsel van bloedvaten wordt rondgepompt tot in de kleinste bloedvaatjes. Elke keer als het hart samentrekt, wordt het bloed krachtig door de vaten gespoten, zoals het water door de tuinslang. Hierdoor ontstaat druk op die vaten: de bloeddruk.

Als het hart samenknijpt, is de bloeddruk het hoogst en wordt de bovendruk gemeten. Als het hart in rust is, is de bloeddruk het laagst en wordt de onderdruk gemeten.  

2. Wanneer is-ie te hoog?

Als de bovendruk gemiddeld boven de 140 is en de onderdruk boven de 90 (140/90 mmHg) is er sprake van een hoge bloeddruk ofwel hypertensie.

"140 is de uiterste bovengrens", verduidelijkt dr. Wilko Spiering, internist-vasculair genees­kundige op de Polikliniek ­Gecompliceerde Hypertensie van het UMC in Utrecht. "Dat wil niet zeggen dat bij een bovendruk van 139 er niets aan de hand is. Het is een glijdende schaal. Een gezonde bloeddruk is 120 over 80. Met elke punt ­stijging neemt het risico toe op overlijden en op gezondheidsproblemen zoals een beroerte en dementie. Dat risico wordt aanzienlijk kleiner als je met medicijnen de bovendruk onder de 140 brengt én houdt. Voor ouderen met gezondheids­problemen wordt in de nieuwste richtlijnen een uitzondering­gemaakt: bij hen streven we naar een bovendruk van maximaal 150, onder voorwaarde dat de bloeddruk voorzichtig omlaag wordt gebracht."

3. Wat gebeurt er met je vaten als de bloeddruk te hoog is?

In het ideale geval zijn de wanden van de slagaders soepel en elastisch. Voor zulke lenige bloedvaten is het geen enkel probleem zich te verwijden als er even meer bloed doorheen moet, bijvoorbeeld als je stevig fietst. Maar bloedvaten kunnen verstijven en dan vangen ze drukveranderingen minder goed op. Als de vaatwanden minder soepel zijn, geeft een bloedvat meer weerstand. Het rekt zichzelf niet op, waardoor het bloed door een nauwere buis moet. Met als resultaat: een hogere bloeddruk in het hele lichaam.

4. Merk je er iets van?

Helemaal niets. Dat is juist het probleem. Hoge bloeddruk geeft op zichzelf geen klachten, maar is wel een veroorzaker van andere gezondheidsproblemen.

5. Wat zijn de gevolgen?

Hoe langer de slagaders onder hoge druk staan, hoe minder soepel en elastisch ze worden. Daardoor wordt de weerstand in de slagaders steeds groter. Zo ontstaat een vicieuze cirkel: de hoge bloeddruk versterkt zichzelf. Uiteindelijk raakt de slagaderwand beschadigd en kan bijvoorbeeld slagaderverkalking ontstaan.

Ook de hartspier lijdt onder de hoge bloeddruk. Het hart moet ­voortdurend tegen de hoge druk ­op 'pompen' en daardoor raakt de spier overbelast.

Bloeddruk­expert Wilko Spiering: "De meest gevreesde complicatie van hoge bloeddruk is een beroerte. Ook hartaanvallen, hartritmestoornissen en hartfalen komen veel voor. Hoge bloeddruk is wereldwijd verreweg de belangrijkste doodsoorzaak. Jaarlijks gaan tien miljoen mensen dood aan ziekten die voortkomen uit een te hoge bloeddruk." Naast schade aan hart en bloedvaten kan een te hoge bloeddruk ook leiden tot schade aan nieren en ogen. Ook kunnen bloedvaten scheuren door de voortdurend hoge druk.

6. Is de oorzaak altijd te vinden?

Op veel websites is te lezen dat de oorzaak voor hoge bloeddruk in 95 procent van de gevallen onduidelijk is. Specialist Wilko Spiering verzet zich daartegen: "Bij zeker 70 procent van de patiënten kan wel degelijk een oorzaak worden gevonden: problemen in de nieren of bijnieren, vernauwingen in de nierslagaders, flink overgewicht, dropgebruik, overmatig zoutgebruik, ga zo maar door. Het kan dus lonen om op zoek te gaan naar de oorzaak, in plaats van blind te starten met medicijnen. Als je de oorzaak vindt en gericht behandelt, lukt het vaak goed om hoge bloeddruk onder controle te krijgen."

7. Wie loopt er meer risico op een te hoge bloeddruk?

  • Ouderen. Hou ouder we worden, hoe minder soepel de slagaders zijn. Vooral de aorta (de grote lichaamsslagader) wordt minder soepel.
  • Mensen met vernauwde slagaders (atherosclerose). Dezelfde hoeveelheid bloed moet bij hen als het ware door een nauwere buis stromen. De kans op atherosclerose is vooral groot bij rokers, als je al een hoge bloeddruk hebt, en als het in de familie zit om jong hart- en vaataandoeningen te krijgen. Ook diabetes, overgewicht, te weinig beweging en een hoge cho­lesterolspiegel zijn risico­factoren voor slagaderverkalking. Niet iedereen heeft er last van, maar pijn op de borst en pijn in de benen bij het lopen zijn de meest gehoorde klachten. • Mensen met overgewicht.
  • Zoutliefhebbers.
  • Vrouwen na de menopauze (ervoor word je beschermd door bepaalde hormonen).
  • Als het in de familie zit. Enerzijds zijn er de leef­gewoontes (hoe zout wordt er gegeten, hoeveel wordt er bewogen), anderzijds worden bepaalde genen erfelijk ­doorgegeven.
  • Extreme drop-eters. “En dan gaat het niet om zoute drop, zoals veel mensen denken”, aldus bloeddrukexpert Wilko Spiering. “Juist in zoete drop zit een stof die hoge bloeddruk veroorzaakt.”
  • Vrouwen die de anticonceptiepil slikken.
  • Mensen die veelvuldig NSAID’s als pijnstiller gebruiken, ­zoals diclofenac en ibuprofen. Ook corticosteroïden ­zoals prednison ­vergroten de kans op hoge bloeddruk.
  • Patiënten met een nierziekte of met diabetes.

8. Hoe kun je de bloeddruk het best meten?

Aangezien de bloeddruk nogal kan wisselen, zegt één meting niet veel. Berucht is de ‘witte-jassen-hypertensie’: een bloeddruk die sterk omhoog gaat door de spanning die de dokter of spreekkamer oproept, soms zelfs onbewust. Wat beter werkt, is een 30-minuten-meting die bij sommige huisartsen kan worden aangevraagd. De huisarts sluit je aan op de meter en verlaat de ruimte. Het apparaat doet iedere vijf minuten een meting en neemt het gemiddelde van de laatste zes metingen, die lager uitvallen omdat je meer ontspannen bent. Thuis meten kan ook.

Bron(nen):