Vergoeden stoppen-met-roken-medicatie effectief

Getty Images

Als een stoppen-met-roken-behandeling vergoed wordt, schrijven huisartsen zo’n behandeling vaker voor. Er blijken dan ook minder mensen daadwerkelijk te roken. Dat is de uitkomst van een onderzoek van het Leids Universitair Medisch Centrum.

Gezondheidspsycholoog Marjolein Verbiest koppelde drie databases aan elkaar uit de periode 2001-2012: gegevens over het aantal stoppers (Stivoro), gegevens over voorgeschreven hulpmiddelen om te stoppen met roken (Nivel) en gegevens over de uitgifte van stopmedicatie door apotheken (Stichting Farmaceutische Kengetallen).

​Richtlijn
In 2007 bracht het Nederlands Huisartsen Genootschap een richtlijn uit over stoppen met roken. Die hield in dat huisartsen van hun patiënten gingen bijhouden of ze rookten en actief gingen adviseren over stoppen. Verbiest zocht uit of er sinds die richtlijn meer rokers waren gestopt. Dat bleek niet het geval. Wat wél zichtbaar effect had, was de vergoeding door de zorgverzekeraars van stoppen-met-roken-medicatie. Die werd in 2011 ingevoerd.

Meer dan pilletje
Verbiest benadrukt dat een pilletje alleen niet genoeg is. "Het gaat om een totaalbehandeling. De huisarts bespreekt het rookgedrag, schrijft voor en begeleidt de patiënt bij het stoppen. Zodra de medicatie vergoed werd, schreven huisartsen in ieder geval vaker stoppen-met-rokenmedicatie voor." Ook constateerde Verbiest dat er meer mensen waren gestopt.

​Vergoeding weer terug
Het resultaat was dat er in 2011 2,9 procent minder mensen rookten dan in het jaar daarvoor. De vergoeding voor medicatie werd een jaar later door een nieuw kabinet afgeschaft. Dat had een zichtbaar effect op het totaal aantal rokers: dat steeg met 1,2 procent. Inmiddels is de vergoeding weer ingevoerd.

De resultaten van het onderzoek verschenen in het tijdschrift Addiction.

Auteur 
  • Jolanda Niemantsverdriet
Bron 
  • Leids Universitair Medisch Centrum